Washington zegt dat het Zuid-Korea zo nodig met de inzet van kernwapens zal verdedigen tegen Noord-Korea. Maar steeds meer Zuid-Koreanen vinden dat ze dat zelf moeten kunnen.
Sinds de Koreaanse oorlog in 1953 met een ongemakkelijke wapenstilstand is geëindigd, leven Zuid-Koreanen onder de garantie dat Amerika hun land desnoods met kernwapens zal verdedigen. President Biden heeft die belofte vorig jaar nog eens nadrukkelijk bevestigd door te zeggen dat een nucleaire aanval van Noord-Korea de vernietiging van dat regime zou betekenen. Maar al die decennia van Amerikaanse garanties hebben Noord-Korea er niet van weerhouden een kernwapenarsenaal aan te leggen en vervolgens zelfs uit te bouwen. Onder leiding van Kim Jong-un kiest Noord-Korea steeds vaker voor de provocatie, zoals met het testen van raketten die krachtig genoeg zijn om de Verenigde Staten te bereiken. En het heeft Zuid-Korea opgeschrikt door een oude defensieovereenkomst uit de Koude Oorlog nieuw leven in te blazen met Rusland, een andere kernmacht.
Het ontwikkelen van eigen kernwapens, wat zou indruisen tegen het non-proliferatiebeleid van Washington, is in Zuid-Korea lang taboe geweest. Maar de mogelijkheid van een nieuwe ambtstermijn voor president Trump, wiens steun voor het bondgenootschap met Zuid-Korea op zijn best wankel lijkt, maakt de Zuid-Koreanen extra zenuwachtig. Een groeiende meerderheid vindt inmiddels dat hun land niet alleen op de bescherming van de VS moet vertrouwen, maar zelf kernwapens moet hebben. Hoewel de Zuid-Koreaanse regering er nog niet aan wil, wordt die gedachte in het maatschappelijk debat steeds vaker geuit.
‘We moeten onze eigen wapens hebben om ons mee te verdedigen’
Uit peilingen blijkt dat veel Zuid-Koreanen vinden dat ze voor hun bescherming tegen Noord-Korea niet meer op de nucleaire paraplu van Amerika kunnen vertrouwen. Ze betwijfelen of Washington hen wel te hulp zal schieten in een conflict met Noord-Korea, nu Pyongyang hard op weg is de capaciteit te ontwikkelen om Amerikaanse steden met kernkoppen te raken. ‘We kunnen en mogen niet van de Amerikaanse president verlangen dat hij zijn kernwapens gebruikt voor de verdediging van een bondgenoot als hij daarmee het leven van zijn eigen bevolking op het spel zet,’ zegt Cheong Seong-chang, aanvoerder van een groep van vijftig politieke analisten die pleiten voor de opbouw van een Zuid-Koreaans kernwapenarsenaal. ‘We moeten onze eigen wapens hebben om ons mee te verdedigen.’
Onder druk van het Amerikaanse streven naar non-proliferatie heeft Zuid-Korea zijn kernwapenprogramma in de jaren zeventig stopgezet en ervoor gekozen voor zijn bescherming tegen Noord-Korea te vertrouwen op de VS. Er zijn al decennialang tienduizenden Amerikaanse militairen in het land gelegerd, en de VS heeft er ook enige tijd kernwapens gestationeerd. Die zijn door Washington in 1991 weer weggehaald in de hoop dat die ontwapening Pyongyang ertoe zou aanzetten zelf ook te stoppen met zijn kernwapenprogramma.
Partners
In dat streven had Washington een tijdlang twee belangrijke partners: China en Rusland. Maar de laatste jaren ligt de VS steeds meer met die twee landen overhoop in kwesties die variëren van handelstarieven tot de oorlog in Oekraïne. En nu werken beide landen niet meer mee aan de Amerikaanse inspanningen om de nucleaire ambities van Noord-Korea in te tomen. Onder Kim heeft het regime zowel kernwapens als intercontinentale ballistische raketten getest. Het werkt aan technologie om met één raket meerdere kernkoppen af te leveren. Het bedreigt Zuid-Korea nu ook met een arsenaal aan korte-afstandsraketten die geschikt zijn voor kernkoppen en die Kim, zo zei hij deze maand, aan de grens met Zuid-Korea wil opstellen.
Volgens schattingen van het Stockholm International Peace Research Institute beschikte Noord-Korea in juni over circa vijftig kernkoppen en genoeg splijtstof om er nog eens zo’n veertig te maken. Het richt zich ook meer op tactische kernwapens, met een kleinere lading. ‘De angst groeit dat Noord-Korea die wapens zeer vroeg in een conflict zou willen inzetten,’ schreef Matt Korda van het Noorse vredesinstituut.
Over deze zorgen wilde de Zuid-Koreaanse president Yoon Suk Yeol bij zijn bezoek aan het Witte Huis vorig jaar praten met president Biden. De twee staatshoofden hebben daar de onderlinge banden aangehaald en een verklaring getekend die onderstreept dat de Amerikaanse defensiegarantie in steen gehouwen is. Vorige maand hebben ze nog eens bevestigd dat elke aanval met kernwapens door Noord-Korea kan rekenen op ‘een snelle, verpletterende en definitieve reactie’. ‘Voor het eerst staat er nu zwart op wit dat Amerika kernwapens wil inzetten om het gebruik van kernwapens door Noord-Korea af te schrikken of tegen te gaan,’ aldus Kim Tae-hyo, de plaatsvervangend nationaal veiligheidsadviseur van Zuid-Korea.
‘De roep om kernwapens zal niet van korte duur zijn, want “nucleair gaan” is een sexy slogan’
Maar dat doet weinig af aan de Koreaanse zorgen over de Amerikaanse nucleaire paraplu, die ook Japan beschermt. Het percentage Zuid-Koreanen dat denkt dat Washington hun land zal verdedigen, ook nu Noord-Korea de VS met kernwapens kan bereiken, bleek in een peiling in februari gedaald naar 39 procent, ten opzichte van 51 procent vorig jaar. Een andere jaarlijkse peiling die al een decennium wordt gehouden, gaf een historische verschuiving te zien: als ze moeten kiezen tussen kernwapens of Amerikaanse troepen op hun grondgebied, kiest nu voor het eerst een meerderheid van de Zuid-Koreanen voor kernwapens. In andere peilingen blijkt dat wel 70 procent van alle Zuid-Koreanen voorstander is van een eigen kernwapenarsenaal. Conservatieve politici en analisten, ook in overheidsdienst, brengen dat steeds vaker ter sprake, zeker nadat de Russen met hun inval in Oekraïne hebben aangetoond hoe straffeloos je als kernmogendheid een buurland zonder kernwapens kunt binnenvallen.
‘De roep om kernwapens zal niet van korte duur zijn, want “nucleair gaan” is een sexy slogan,’ zegt Lee Byong-chul, die zich in nucleaire non-proliferatie heeft gespecialiseerd aan het Institute for Far Eastern Studies in Seoul. ‘Maar er gaapt een enorme kloof tussen enerzijds de grote steun die ervoor bestaat onder de bevolking, en anderzijds het gebrek aan technische mogelijkheden en de politieke wil om kernwapens te maken.’ Zuid-Korea beschikt niet over de faciliteiten om de splijtstof voor kernbommen op te werken, noch over de kennis om kernwapens te ontwerpen. En de huidige president stelt zich wel harder op tegen Noord-Korea dan recente voorgangers en heeft ooit zelf de mogelijkheid van een eigen kernwapenarsenaal geopperd, maar over het algemeen is in Zuid-Korea de politieke wil hiervoor gering.
Toekomst
Volgens analisten kan Zuid-Korea beter in inlichtingenverzameling en conventionele raketten investeren, om op tijd preventief te kunnen ingrijpen. Kernwapens zijn ‘overbodig’ en ‘zouden Zuid-Korea niet veiliger maken’, zegt voormalig nationaal veiligheidsadviseur Chun Yung-woo, ‘zolang het bondgenootschap tussen Zuid-Korea en de VS nog van kracht is.’
Maar de toekomst van dat bondgenootschap kan op losse schroeven komen te staan als Amerika in november weer kiest voor Trump, die geprobeerd heeft persoonlijk met Kim te onderhandelen. ‘Het is prettig praten met iemand die veel kernwapens heeft,’ zei Trump over Kim toen hij vorige maand door zijn partij als kandidaat werd aangewezen. ‘Ik denk dat hij mij mist, eerlijk gezegd.’ Een terugkeer van Trump zou een steun in de rug kunnen zijn voor voorstanders van Zuid-Koreaanse kernwapens. Hij heeft ooit gezegd dat hij liever heeft dat Japan en Zuid-Korea hun eigen kernwapenarsenaal opbouwen dan dat ze afhankelijk blijven van de Amerikaanse nucleaire paraplu. ‘Het zou een deur kunnen openzetten,’ zegt Cheong Seong-chang, de analist die voor kernwapens pleit.