Is de opkomst van AI goed voor de democratie?

Estimated read time 6 min read

Algoritmes en kunstmatige intelligentie spelen een steeds prominentere rol in de politiek, van het bepalen van welke politieke advertenties we online te zien krijgen tot het analyseren van data om verkiezingsstrategieën te optimaliseren. Is dit een goede of een slechte ontwikkeling?

Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – tijdelijk al vanaf €1,50 per maand – op 360 Magazine.

‘Het wordt voor gewone mensen extreem moeilijk om een rationele, ideologische dialoog te voeren’

‘Algoritmes op sociale mediaplatformen zoals X, Facebook en TikTok bepalen nu wat mensen zien, geloven en uiteindelijk waar ze op stemmen’, schrijft Bimal Pratap Shah in The Kathmandu Times. ‘Als we niets doen om de invloed van AI in te perken, lopen we het risico democratische principes te verliezen.’ Volgens hem speelde AI een cruciale rol bij het bepalen van de uitslag van de Amerikaanse verkiezingen van 2024.

Dat komt mede doordat de algoritmes van sociale media steeds geavanceerder worden. ‘Mensen zijn zich er niet van bewust dat die onzichtbare kracht politieke gesprekken en beslissingen vormgeeft.’ Politieke advertenties, virale berichten en (nep)nieuws worden door het algoritme speciaal afgestemd op mensen die ze waarschijnlijk interessant vinden. Dit kan bestaande vooroordelen en angsten steeds verder aanwakkeren en versterken. ‘Het wordt voor gewone mensen extreem moeilijk om een rationele, ideologische dialoog te voeren. Simpel gezegd worden mensen overspoeld met informatie en daardoor kunnen ze geen rationele beslissingen nemen.’

Maar de invloed van AI gaat verder dan algoritmes. Tijdens de campagne in aanloop naar de presidentsverkiezingen in de VS werden sociale media ‘overspoeld door generatieve AI-tools die hyperrealistische deepfake content konden maken om kiezers te misleiden’. Zelfs fact-checkers konden de snelheid van dergelijke AI-technieken volgens Shah niet bijhouden. Sommige socialemedianetwerken proberen met hun eigen systemen nepnieuws in te dammen, maar daar is tot nog toe weinig van terechtgekomen. ‘Ze begonnen AI-tools te gebruiken om misleidende inhoud te detecteren en te beperken, maar deze tools slagen er nog niet in om nieuwe vormen van misleiding te herkennen.’ Hij ziet het somber in. ‘AI-gestuurde inhoud zal alleen maar geavanceerder worden en het zal moeilijker worden om feiten van fictie te onderscheiden.’

‘Kiezers zijn nu overgeleverd aan algoritmes om hun wereldbeeld te vormen’

Het meest verontrustende aan deze nieuwe realiteit is volgens Shah het groeiende gevoel van machteloosheid dat hierdoor ontstaat. ‘Kiezers, die al overweldigd worden door de constante informatiestroom, zijn nu overgeleverd aan algoritmes om hun wereldbeeld te vormen. De basis van democratische besluitvorming brokkelt af wanneer verkeerde informatie zich ongecontroleerd verspreidt.’ De grens tussen wat echt is en wat nep vervaagt steeds meer, waardoor ‘hulpeloze kiezers moeten navigeren door een politiek landschap dat meer een doolhof is geworden dan een plek met ruimte voor rationele debatten’.

Het is een uitdaging om dit nieuwe probleem van algoritmische manipulatie in de politiek op te lossen, stelt de auteur. Sommigen roepen platforms op om transparanter te zijn over hoe hun algoritmes werken. Een andere suggestie is dat de overheid de algoritmen van sociale media reguleert, maar dit zou ook negatief kunnen uitpakken. ‘Die aanpak kan innovatie beperken of het moeilijker maken voor mensen om hun vrije mening te uiten.’ In de toekomst zal het volgens Shah een grote uitdaging zijn om de juiste balans te vinden tussen het beschermen van de integriteit van het publieke debat en het behouden van de vrijheid van meningsuiting.

‘De Amerikaanse verkiezingen van 2024 waren een herinnering aan de risico’s en gevaren van de groeiende invloed van AI op het politieke systeem.’ Shah gelooft dat de rol van sociale media en AI bij het vormgeven van de democratie alleen maar groter zal worden. ‘Als we de integriteit van onze verkiezingen willen behouden en ervoor willen zorgen dat het publieke debat gebaseerd blijft op de waarheid, moeten we de algoritmen temmen die ons politieke landschap vormgeven.’

‘AI-tools beloven de democratie rechtvaardiger te maken’

Dat kunstmatige intelligentie de politiek gaat beïnvloeden, staat volgens Bruce Schneier en Nathan E. Sanders van WIRED vast. Maar dat wil niet zeggen dat het alleen om slechte ontwikkelingen gaat. ‘De Indiase premier Narendra Modi heeft AI gebruikt om zijn toespraken in realtime te vertalen voor zijn meertalige electoraat, en laat daarmee zien hoe deze vorm van intelligentie diverse democratieën kan helpen om meer inclusief te zijn’, schrijven ze. In Zuid-Korea hebben presidentskandidaten bij verkiezingscampagnes AI-avatars gebruikt om antwoord te geven op vragen van duizenden kiezers tegelijk. ‘We beginnen ook te zien dat AI-hulpmiddelen helpen bij fondsenwerving en het halen van stemmen. En AI-technieken beginnen traditionele enquêtemethoden te verbeteren, waardoor campagnes goedkoper en sneller gegevens kunnen verzamelen.’ Congreskandidaten zijn bijvoorbeeld begonnen met het gebruik van robotbellers om contact te leggen met kiezers en hen meer te betrekken bij politieke kwesties. 

De redacteuren voorspellen dat deze trend zich in 2025 zal voortzetten. Niet omdat AI kundiger is dan mensen, maar omdat ‘de politiek competitief is en elke technologie die een voordeel kan bieden, zal worden gebruikt’. Ze wijzen erop dat de meeste lokale politieke kandidaten weinig financiële middelen hebben. ‘Die staan voor de keuze om ofwel geen hulp te krijgen, ofwel hulp van AI-tools te aanvaarden.’ In 2024 versloeg een Amerikaanse presidentskandidaat met vrijwel geen naamsbekendheid, Jason Palmer, Joe Biden in een zeer klein electoraat: de Amerikaanse Samoaanse voorverkiezing. Hij bereikte dit door gebruik te maken van AI-gegenereerde berichten en een online AI-avatar. ‘Ze beloven de democratie dus rechtvaardiger te maken.’ 

Maar daar zetten ze een kanttekening bij. ‘Op nationaal niveau is het waarschijnlijker dat AI-hulpmiddelen de almachtigen nog machtiger maken. Mens plus AI verslaat over het algemeen AI alleen.’ Dat wil zeggen, hoe meer menselijk talent je hebt, hoe meer je effectief gebruik kunt maken van AI-hulp. ‘De rijkste campagnes zullen een AI-systeem niet de leiding geven, maar ze zullen wel AI gebruiken als dat hun voordeel oplevert.’

‘Het is belangrijk dat iedereen zich realiseert dat de output niet volledig objectief is’

AI verschilt van traditionele computersystemen doordat de AI-systemen niet neutraal zijn. Omdat AI wordt ‘gevoed’ met data die door mensen zijn verzameld, kan het vooroordelen of subjectieve voorkeuren van mensen overnemen. ‘We zullen AI-systemen zien die geoptimaliseerd zijn voor specifieke partijen en ideologieën. Het is belangrijk dat iedereen kritisch kijkt naar AI en zich realiseert dat de output niet volledig objectief is, ongeacht wie de algoritmen heeft ontwikkeld.’

Dit is nog maar het begin van een trend die zich de komende jaren over de hele wereld zal verspreiden. Maar iedereen, vooral AI-sceptici en degenen die zich zorgen maken over AI, moet volgens de auteurs erkennen dat AI élk aspect van de democratie gaat beïnvloeden. Politici en campagnes zullen AI-hulpmiddelen gebruiken als ze nuttig zijn. Dat geldt ook voor advocaten en politieke belangengroepen. Rechters zullen, om tijd te besparen, AI gebruiken om te helpen bij het opstellen van hun beslissingen en nieuwsorganisaties zullen AI gebruiken uit bezuinigsoverwegingen. 

‘Of dit leidt tot een betere democratie of een rechtvaardigere wereld valt nog te bezien’, schrijven ze. Het is volgens de auteurs van belang te blijven controleren hoe machthebbers deze tools gebruiken en tegelijkertijd te erkennen hoe ze de mensen met minder macht momenteel meer macht geven. ‘We moeten ervoor blijven pleiten AI-systemen te gebruiken om de democratie te verbeteren.’

You May Also Like

More From Author