
Van sneeuwruimen tot de inrichting van bushaltes, van openbaar meubilair tot voetbalteams: in deze kleine stad in Zweden worden vrouwen en mannen op gelijke voet behandeld – met als doel het leven voor iedereen beter te maken.
In het hart van Umeå staat de grote rode poema, ’s werelds eerste publiekelijke standbeeld ter ere van de #MeToo-beweging. Het toont een grommende kat op een stalen frame dat doet denken aan tralies. De officiële titel, volgens kunstenaar en maker Camilla Akraka, is Listen, maar iedereen noemt het beeld gewoon ‘puman’ – de poema. Sinds het in 2019 op het centrale plein voor het oude stadhuis verscheen, staat het symbool voor deze stille, bescheiden plaats een paar honderd kilometer ten zuiden van de poolcirkel, die ook wel bekendstaat als ‘de meest feministische stad ter wereld’.
Umeå (UU-me-joh, 134.000 inwoners) heeft in Zweden een reputatie als broedplaats van radicale ideeën. In de jaren zeventig werd de ‘rode universiteit’ er het centrum van studentenstakingen en linkse politieke acties. Een Zweedse vriend vertelt me dat ‘iedereen in Umeå helemaal weg is van punk’. Dit lijkt een soort codetaal om aan te geven dat Umeå als ‘cool’ wordt gezien – en zichzelf ook zo beschouwt. Zelfs de website van Visit Umeå, het lokale toeristenbureau, claimt dat de stad ‘de meest bebaarde en getatoeëerde bevolking ter wereld’ heeft. Wat helaas dan weer niet geheel op de vrouwen slaat.
Wat maakt Umeå dan zo’n geweldige plek om vrouw te zijn? Om daarachter te komen, loop ik een dagje mee met Annika Dalén en Linda Gustafsson, medewerkers gendergelijkheid van de gemeenteraad. Je zult niet snel iemand vinden die enthousiaster is over de boeiende wereld van ‘genderbewustzijn in de stedelijke omgeving’ dan deze twee.
Een op maat gemaakte stad
Vlak bij de poema, richting de rivier, staat een schommelstoel waarin ik me ongewoon comfortabel voel. Hoe dat komt? De stoel is gemaakt naar aanleiding van een speciaal project waarbij de mening van tienermeisjes werd gepeild en ontworpen met de gemiddelde lengte van vrouwen in gedachten: 165 centimeter. Precies mijn lengte. Hoewel ik niet per se verwacht dat vanaf nu wereldwijd elk stuk gemeentelijk meubilair precies volgens mijn specificaties wordt gemaakt, is het wel erg aangenaam.
‘Toen de universiteit hier [in 1965] werd opgericht, stond Zweden bekend om zijn progressieve ideeën,’ vertelt Dalén. ‘Later werd Umeå de eerste [stad] in Zweden met een hoogleraarschap genderstudies [Britt-Marie Thurén, in 1997]. Er is hier altijd sprake geweest van een sterke “burgermaatschappij”-beweging.’ Een cursus vrouwenstudies verscheen voor het eerst op het universitaire curriculum in 1976. Twee populaire feministische radioprogramma’s (Radio Ellen in de jaren tachtig en Freja in de jaren negentig) en twee van de grootste Zweedse feministische fanzines (Amazon en Radarka, beide eind jaren negentig) kwamen uit Umeå. Marie-Louise Rönnmark, die later burgemeester werd, was een van de eersten die, eveneens in de jaren negentig, pleitte voor ‘een gendergelijkwaardige gemeente’.
De ochtendactiviteit is een workshop voor onderwijsassistenten in het basisonderwijs, die zich vooral lijkt te richten op het overtuigen van de deelnemers dat vrouwen niet de primaire ouder hoeven te zijn. ’s Middags maken ze een speciaal ontworpen bustour langs het zogeheten ‘gendered landscape’. De gemeente is trots op deze rondleiding, die werd opgezet als activiteit voor bezoekende hoogwaardigheidsbekleders. Hij voert langs Umeå’s architectonische wonderen en langs zebrapaden met verkeersborden voor ‘vrouwen die oversteken’. (Zowel Dalén als Gustafsson waren verguld toen het gemeentelijke team voor verkeersborden hen vertelde dat ze de borden speciaal zo hadden geplaatst dat het niet lijkt alsof het bord met de ‘overstekende vrouw’ wordt ‘achtervolgd’ door dat met de ‘overstekende man’. Maar vervolgens moest het team schoorvoetend toegeven dat het hen niet gelukt was om dat consequent door te voeren. Het gaat om het idee.)
‘Sociale samenlevingen zijn een vaccinatie tegen vervreemding en criminaliteit’
Zelf ben ik een beetje teleurgesteld dat ik niet in een Scooby Doo-achtige Mystery Machine-bus stap, versierd met psychedelische portretten van Gloria Steinem. Aangezien ik vandaag de enige bezoeker ben op de tour, rijden we in een elektrische stadsauto. De eerste stop is een prototype genderbewuste bushalte. Deze beschikt over houten pods die kunnen ronddraaien, zodat je je ofwel van anderen kunt afwenden, ofwel vanuit de veiligheid van je cocon met anderen kunt praten. De pods reiken niet helemaal tot aan de grond, zodat je van een afstandje kunt zien of er iemand bij de bushalte staat. Je kunt je er dus ook niet in ‘verstoppen’. ‘Sociale samenlevingen zijn een vaccinatie tegen vervreemding en criminaliteit,’ zegt Dalén.
Bij zulke projecten wordt rekening gehouden met ieders behoeften. Dat de bushaltecabines niet is afgesloten, is omdat uit onderzoek bleek dat de Zweden – zowel mannen als vrouwen – zelfs bij vriestemperaturen ver uit de buurt van een bushalte met glazen wanden blijven. Ze staan liever alleen in de kou dan dat ze in een comfortabelere temperatuur naast iemand anders moeten plaatsnemen: ‘Mensen hier houden niet van afgesloten ruimtes of de nabijheid van anderen.’ Maatregelen rondom gendergelijkheid gaan dus niet alleen over het helpen van vrouwen, maar houden ook rekening met bredere sociale en culturele gewoonten.
Geografie en klimaat speelden een grote rol bij de acceptatie van deze experimentele ideeën door de bevolking van Umeå. Het kan er sneeuwen van oktober tot april, en vorig jaar daalde de temperatuur in februari tot -38 °C. ‘Een heel gebruikelijke temperatuur is -5 °C,’ zegt Gustafsson. Dit koude weer speelt vrijwel altijd een grote rol in beslissingen. Zo hangen de cabines bij de bushalte aan een mechanisme dat opzij kan worden geschoven, zodat een sneeuwploeg erlangs kan om het wegdek schoon te vegen. ‘Maar daarop focussen, betekent voorrang geven aan mannen,’ vertelt Janet Ågren, locoburgemeester van Umeå, me later. Het zijn namelijk vooral de mannen die de auto pakken, terwijl de vrouwen, zo blijkt, vaker gebruikmaken van wandelpaden en het openbaar vervoer. Als er al weerstand is geweest tegen gendergerelateerde initiatieven in de stad, vertelt Gustafsson, dan heeft die vaak betrekking op de prioriteit voor sneeuwruimen. ‘Deze strategieën [het herverdelen van budgetten ten gunste van vrouwen] zijn geen geheim,’ zegt ze lachend. ‘Maar het sneeuwruimen blijft gewoon een gevoelige kwestie, waar altijd veel aandacht naar uitgaat.’
‘We zijn erg op elkaar aangewezen; we moeten elkaar wel vertrouwen’
Je voelt hier over het algemeen een sterke strijdlust en bewijsdrang. ‘Het is een afgelegen plaats, ver van Stockholm,’ zegt Ågren. De hoofdstad ligt 640 kilometer naar het zuiden, een treinreis van zes uur. ‘Als er een probleem is, moeten we het zelf oplossen. We zijn erg op elkaar aangewezen; we moeten elkaar wel vertrouwen. De criminaliteit is zeer laag. Dat is niet gemakkelijk vol te houden, al helemaal niet omdat er elk jaar duizend mensen komen en gaan vanwege de universiteit. Maar in principe zorgen we goed voor elkaar.’ Umeå is de hoofdstad van de provincie Västerbotten, een gebied groter dan Denemarken of Nederland, met uitgestrekte wildernisgebieden. De EU Regional Social Progress Index bevat vijftig afzonderlijke kenmerken die goed leven definiëren, zoals gezondheid, invloed en ontwikkelingsmogelijkheden. Västerbotten is de regio met de hoogste score binnen de EU.
‘Noord-Zweden is dunbevolkt,’ aldus Dalén. ‘Er bestaan veel vooroordelen over ons, zoals dat hier niets is dan bossen. Maar we behoren tot de tien grootste steden van Zweden.’ Desondanks toont het traditionele wapen van de provincie een rendier aan de nachtelijke hemel, drie vissen en een ogenschijnlijk prehistorische man met een knuppel. ‘Er bestaat een beeld van “de eenzame man in het bos op zijn sneeuwscooter”,’ zegt Gustafsson. ‘Maar wij zijn een moderne, feministische stad. Voor mij staat de vraag centraal: wat betekent het om een vrouw te zijn in het Noorden?’
Andere hoogtepunten van de bustour zijn de eerste kleuterschool in Umeå, opgericht in 1966, jaren vóór de Zweedse wet op de kleuterschool in 1975 die de weg vrijmaakte voor gesubsidieerde kinderopvang voor kinderen van één tot vijf jaar. ‘Dat ging niet van een leien dakje. Er was veel weerstand,’ zegt Gustafsson.
Om de hoek ligt het voetbalstadion van Umeå, met negenduizend zitplaatsen. Eind jaren negentig werd besloten de trainingsuren te verdelen op basis van het voetbalteam – mannelijk of vrouwelijk – dat de meeste kans had om de competitie te winnen. Voorheen kreeg het mannenteam automatisch voorrang bij de trainingsuren, ongeacht hun succes. Ook hierop volgde veel protest. Maar aan het begin van deze eeuw had Umeå het beste vrouwenvoetbalteam van Zweden, met daarin de Braziliaanse Marta Vieira da Silva (‘de beste vrouwelijke voetballer aller tijden’) en won het tweemaal de UEFA Women’s Champions League, in 2003 en 2004. Bij het succes van het vrouwenteam begon de buitenlandse interesse in Umeå als feministische casestudy. In 2004 kopte Dagens Nyheter, het grootste weekblad van het land: ‘Hoe Umeå een succesvol feministisch bolwerk werd’. Het lot van het vrouwenvoetbalteam (dat uiteindelijk verloor) illustreert het principe achter Umeå’s op gelijkheid gerichte sociale model. Het gaat er niet om dat de ene groep structureel wordt bevoordeeld boven de andere – dat zou geen gelijkheid zijn – maar om het creëren van een gelijk speelveld, zodat iedereen dezelfde kansen krijgt.
Veilige openbare ruimtes
Dit principe van gelijkheid geldt ook bij de volgende halte van de tour: de tunnelinstallatie bij het treinstation, de Lev! (Zweeds voor ‘Leef!’). Deze doorgang voor voetgangers en fietsers baadt in het licht en je kunt er gemakkelijk doorheen kijken; er zijn geen hoeken. ‘Dit is een ruimte tegen geweld. Het is een ruimte die een gevoel van veiligheid biedt,’ legt Gustafsson uit. ‘We kunnen niet beloven dat er nooit iets zal gebeuren. Je kunt geen gecertificeerde “veilige ruimte” bouwen. Waar het om gaat is dat vrouwen niet bang zijn voor openbare ruimtes. Ze zijn bang voor mannen in de openbare ruimte.’ Veilige openbare ruimtes zijn voor haar niet alleen noodzaak, maar ook een statement: ‘Deze ruimtes zijn van ons – wij betalen er ook belasting voor.’ Op de glazen tegels van de tunnel staan citaten van de dichter Sara Lidman (‘Ik wil de sneeuw zien branden’) en er is een opname van haar stem te horen. ‘Vrouwen voelen zich meer op hun gemak als ze de stem van een andere vrouw horen. Daarom vermijden ze deze tunnel niet.’
Ik realiseer me plotseling dat ik precies dat deed: deze tunnel vermijden. Op mijn eerste dag in Umeå, toen ik bij het station aankwam, was mijn natuurlijke instinct om via de drukke weg erboven over te steken. Dit is dus precies het soort ingesleten mentaliteit – een ‘veiligere route’ kiezen die je statistisch gezien een groter risico oplevert – die deze initiatieven proberen aan te pakken.
‘Mensen praten over veiligheid,’ zegt Gustafsson, ‘maar voor mij is dat een te lage inzet. Is je ambitie echt dat vrouwen niet bang hoeven te zijn in openbare ruimtes? Die lat ligt te laag. Is het niet visionair om te zeggen: dit is een plek waar je jezelf kunt zijn? Uiteindelijk draait het erom dat we het leven voor iedereen zo aangenaam mogelijk maken. In de beginjaren van Umeå’s genderstudies aan de universiteit was de belangrijkste vraag: ‘Wie heeft de macht om de stad in te richten?’ Tot zo’n vijftig jaar geleden luidde het antwoord natuurlijk: mannen. ‘De vragen die we nu stellen, zijn van een andere aard: Wie bezoekt dit park? Wie maakt gebruik van dit fietspad? Wie doet mee aan dit gesprek? Wie wordt buitengesloten? Waarom is die groep ondervertegenwoordigd in deze dialoog? Is de data die we hebben gesorteerd op gender? Natuurlijk doen we niet altijd alles perfect. Maar op politiek niveau hebben we een punt bereikt waarop er altijd wel iemand is die vraagt: ‘“Waarom ontbreekt dit?” Iedereen die hier betrokken is bij politieke, sociale of culturele besluitvorming is inmiddels gewend om te vragen: “Zijn we misschien iemand vergeten?” Een eenvoudige, bescheiden vraag, maar wel een die het verschil maakt.’
Iedereen die hier betrokken is bij … besluitvorming is inmiddels gewend om te vragen: “Zijn we misschien iemand vergeten?”
Zijn er ook mensen die het daar niet mee eens zijn, of zich ergeren aan de kosten van de artistieke tunnel en de glimmend rode poema? ‘Ik weet niet zeker of de gemiddelde burger weet dat deze maatregelen voortkomen uit gendergelijkheidsoverwegingen,’ antwoordt locoburgemeester Ågren. ‘Maar als je mensen vraagt naar hun “veiligheidsgevoel” of hun gevoel “erbij te horen”, dan scoort Umeå heel goed in vergelijking met andere steden.’
En hoe zit het met mannen? ‘Wat de tegenreactie van mannen betreft, die is volgens mij afkomstig van een paar individuen die zich buitengesloten voelen,’ zegt Mikael Brändström, directeur ontwikkeling bij de gemeente Umeå. ‘Maar die stemmen zijn zeldzaam, en ik heb gemerkt dat veel mannen, vooral jongere generaties, de voordelen inzien van een meer gelijkwaardige samenleving. Persoonlijk zie ik dat deze inspanningen ons allemaal ten goede komen. Gelijkheid gaat niet alleen over eerlijkheid – het maakt het leven makkelijker. Wie wil er nou niet minder gedoe over wie er aan de beurt is om het voetbalveld te gebruiken?’
Volgens Gustafsson is de sleutel tot het omarmen van al deze ideeën voor de meeste mensen het feit dat ze simpelweg gebaseerd zijn op gezond verstand. ‘Toen een Italiaanse collega me een keer aan iemand voorstelde en uitlegde wat we doen, was haar toelichting: “Hun methoden zijn niet ingewikkeld. Ze doen gewoon wat ze moeten doen.”’