Goedkoper dan water

Estimated read time 38 min read
247 Coca Cola2

Door de vrijhandelsovereenkomst uit 1994 werd de consumentenmarkt in Mexico overstroomd met ultrabewerkte levensmiddelen uit de VS. Dat heeft niet de welvaart gebracht die beloofd was, maar woekerende diabetes en een obesitaspandamie. Coca-Cola was al een van de dikmakers, en verkoopt sindsdien 100 procent meer frisdrank. Volgens de WHO is 36 procent van de Mexicanen te zwaar. Een blikje bevat dan ook 35 gram suiker, wat gelijkstaat aan bijna 9 suikerklontjes.

De halve familie van Cecilia Acero is overleden aan diabetes. Haar opa Mario van vaderskant, haar oma Toñita van moederskant en in 2022 na zes martelende jaren van dialyse op achtenzestigjarige leeftijd als laatste haar vader Raúl. Als ze het vertelt, breekt Cecilia’s stem. De tranen springen haar in de ogen, die schuilgaan achter een grote bril met een dik, zwart montuur. Ze is veertig, een antropoloog met donkere krullen en een vriendelijk gezicht. We hebben afgesproken in het kantoor van haar wetenschappelijkonderzoeksinstituut in het noordwesten van de oude koloniale stad San Cristóbal. Door het raam hebben we uitzicht op het berglandschap van de Sierra Madre de Chiapas, bedekt met altijdgroene pijnbomen.

‘Hier zeggen ze dat Coca-Cola goed voor je is,’ zegt ze. ‘Je knapt ervan op, het houdt je wakker en helpt tegen hoofdpijn. Voor mijn vader was cola een soort medicijn.’ In het weekend speelde hij keyboard in een band en in de pauzes dronk hij altijd Coca-Cola, elke avond zeker acht glazen, schat Cecilia. Een glas van 250 milliliter bevat 27 gram suiker, wat gelijkstaat aan bijna negen suikerklontjes. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), het Zwitserse Bureau voor Voedselveiligheid en Diergeneeskunde en de Duitse Obesitasvereniging mag de dagelijkse dosis eigenlijk niet meer dan 50 gram bedragen, anders bestaat op langere termijn het risico van diabetes en ernstige hart- en vaatziekten.

‘s Ochtends was Raúl moe en dronk hij zijn eerste coke om op gang te komen voor zijn werk op de administratie van een school. Voor de lunch nam hij vaak een twee-liter gezinsfles mee, die hij voor het grootste deel zelf opdronk. Toen zijn gezicht, buik, handen en voeten begonnen op te zwellen, kon het probleem niet langer worden genegeerd. In die tijd begon Cecilia Acero met haar onderzoek naar diabetes. Ze wilde begrijpen waarom de lijdensweg van haar grootouders zich herhaalde bij haar vader, waarom mensen met diabetes type 2 in de deelstaat Chiapas zich zo weinig om hun gezondheid bekommerden. Ze bleef haar vader aanspreken op zijn eet- en drinkgewoonten: ‘Anders ga je langzaam maar zeker dood en moeten wij je verplegen.’ Maar zijn verslaving aan de donkere, zoete drank was uiteindelijk sterker.

‘Geef hem toch een colaatje’

Voor Cecilia Acero was het moeilijk te verdragen. Pas toen zijn nieren het begaven, begon hij zijn drinkgewoonten te veranderen. Daar werd hij vaak humeurig van. Als er vrienden op bezoek kwamen, zeiden ze: ‘Geef hem toch een colaatje.’ Zijn toestand verslechterde zozeer, dat hij zich in december 2021 nauwelijks nog kon bewegen. Het was duidelijk dat het zijn laatste kerst zou worden. Op kerstavond kreeg hij zijn laatste glas Coca-Cola, dat maakte nu toch niet meer uit.

Toen haar vader begraven was, overwoog Cecilia Acero met haar onderzoeksproject te stoppen. Als ze het niet eens voor elkaar kreeg een familielid te redden, wat had het dan voor zin? Maar collega’s herinnerden haar eraan dat ze haar onderzoek ook begonnen was om een maatschappelijke verandering tot stand te brengen. Dus ze zette door. Op haar laptop zit een sticker met de tekst: ‘¡Fuera Coca- Cola!’: ‘Weg met Coca Cola!’

Dit verhaal speelt zich af in een streek in het zuiden van Mexico, waar meer Coca-Cola wordt gedronken dan waar ook ter wereld; waar je makkelijker aan een fles van de suiker- en cafeïnehoudende drank komt dan aan een slok drinkwater en waar Coca-Cola door zijn agressieve marketing intussen zo alomtegenwoordig is, dat het zelfs onderdeel van religieuze rituelen is geworden.

247 Coca Cola truck
Een grote vrachtwagen wordt volgeladen met Coca-Cola in een winkelcentrum in Merida, Yucatan. – © Getty Images

Terwijl de markt voor frisdrank in de westerse industrielanden krimpt (VS, Zwitserland) of stagneert (Duitsland), drinken Mexicanen er jaar na jaar meer van. Bijna twee derde van de consumptie per hoofd van de bevolking staat op het conto van Coca-Cola Original met het rode etiket. In Chiapas, waar het berglandschap in het grensgebied met Guatemala overgaat in dicht tropisch regenwoud, drinken de mensen nog aanzienlijk meer frisdrank. Volgens een veel geciteerde studie zou dat in het hoogland dagelijks 2,25 liter per hoofd van de bevolking zijn. Hoe kan dat? En wat zijn de gevolgen?

San Cristóbal is bij bezoekers uit de hele wereld populair. De stad van 220.000 inwoners ligt in een vallei op een hoogte van ruim 2100 meter en is omgeven door heuvels die je in de schemering nauwelijks kunt onderscheiden van de wolken die daar omheen hangen. De stenen huizen in het centrum zijn gebouwd in Spaans-koloniale stijl, de balkons zijn versierd met kunstig bewerkte smeedijzeren balustrades en bloemen. Bijna alles hier heeft kleur: de gevels van de kerken, de kleding van de inheemse bevolking, de bonen op de markt. De enorme macht van Coca-Cola is de meeste van de bijna honderdduizend toeristen die San Cristóbal in 2024 bezochten waarschijnlijk niet eens opgevallen. Zo diep is het corporate design van een van de bekendste merken ter wereld in het collectieve onderbewustzijn verankerd.

Als je vanuit het centrum naar de rand van de stad loopt en er goed op let, zie je het op elke straathoek. Forse rode trucks staan aan de kant van de weg om pallets Coca-Cola, sap, water en melk van FEMSA, de grootste drank- producent van Mexico, af te leveren bij de negentien Oxxo-supermarkten, die eveneens eigendom zijn van Coca-Cola, en bij restaurants en kleine kruideniers. Op de gevels van die bedrijven prijken reclameborden van Coca-Cola, sommige gevels zijn rood-wit geschilderd en voorzien van het karakteristieke logo dat de boekhouder en eerste reclameman van Coca-Cola, Frank Mason Robinson, in 1886 in Atlanta heeft ontworpen. In de winkels staan rode koelkasten met het Coca-Colalogo, waarin frisdrank de meeste ruimte inneemt, met voorop Coca-Cola, dat verkrijgbaar is in blikjes en flessen tot drie liter.

RFK pakt de voedings­ richtlijnen aan

Gezondheidsminister Robert F. Kennedy Jr. staat op het punt om met zijn ‘Make America Healthy Again’ (MAHA)-agenda de Amerikaanse voedingsrichtlijnen grondig te herzien.
Het vijfjaarlijkse richtlijnenrapport, dat normaal nogal lijvig en complex is, zou onder zijn leiding flink worden ingekort, volgens The Atlantic; mogelijk tot slechts een beknopte vierpaginaoproep: ‘Eet onbewerkt voedsel; eet wat goed voor je is.’ (‘Eat whole food; eat the food that’s good for you.’) De invloed reikt ver; deze richtlijnen bepalen wat er in scholen, het leger en andere federale programma’s wordt gegeten, en sturen de voedingsindustrie. Onder Kennedy’s aansturing zou nadrukkelijk worden ingezet op het beperken van kunstmatige kleurstoffen, ultrabewerkt voedsel en zaadoliën, terwijl meer ruimte ontstaat voor volle zuivel en minder bewerkte ingrediënten. Ondanks zijn controversiële reputatie, bijvoorbeeld als antivaccinactivist, hebben Kennedy’s beleidsambities op het gebied van voeding momenteel de meeste kans van slagen.

De winkeliers krijgen de koelkasten gratis, maar die zijn dan alleen voor de verkoop van Coca-Cola-producten bestemd. Ze zijn voorzien van een zendertje, zodat ze kunnen worden gelokaliseerd en niet privé kunnen worden gebruikt. In Chiapas moet dat een aantrekkelijk aanbod zijn, want het maandelijkse inkomen bedraagt hier ongeveer 5300 peso (238 euro), een derde onder het landelijke gemiddelde. Meer dan 75 procent van de inwoners van San Cristóbal leeft onder de Mexicaanse armoedegrens, in veel dorpen in de hooglanden zelfs bijna 100 procent. De economie van de regio is kleinschalig en informeel en voornamelijk gebaseerd op de verbouw en verkoop van maïs, bonen en koffie.

Het verhaal hoe Coca-Cola in deze plattelandsomgeving voet aan de grond kreeg, kan misschien het best beginnen bij een twee meter hoge betonnen muur in het zuiden van de stad. Daarop zijn twee inmiddels door de regen wat verbleekte afbeeldingen geschilderd. Als twee bladzijden van een boek laten ze zien dat er in dit verhaal een ervoor en een erna is, misschien ook wel een utopie en een dystopie. Op de ene muurschildering is in lichte, vriendelijke kleuren een heuvel geschilderd waaruit bronwater stroomt dat in een rivier uitkomt. We zien een kolibrie, een vlinder en mensen in harmonie met de natuur. Op de andere muurschildering daar pal naast valt meteen de iconische glazen Coca-Cola-fles op, met daarin een rode fabriek. De fles staat in een verdord, in donkere tinten geschilderd landschap. Een man met hoge hoed zit op een vulinstallatie geld te tellen, terwijl een uitgemergelde bedelaar tussen een grafzerk, vuilnis en mestzakken iets eetbaars zoekt.

Als je het moment zou moeten kiezen waarop de bladzijde in dit verhaal is omgeslagen, is dat vermoe- delijk de jaarwisseling van 1993-1994. In de vroege ochtend van 1 januari kwamen er een paar duizend guerrillastrijders uit de bergen, die San Cristóbal en vijf andere steden in Chiapas bezetten. Het waren Maya-groepen, waaronder veel vrouwen en jongeren, gewapend met Kalasjnikovs, oude karabijnen en speelgoedgeweren, hun gezichten verborgen onder zwarte bivakmutsen. Ze bezetten het stadhuis, verwoestten overheidsgebouwen, overvielen een militaire basis bij San Cristóbal en kondigden aan dat ze zouden doormarcheren naar de hoofdstad om de regering omver te werpen.

Rechten inheemse volken

Het Zapatistisch Nationaal Bevrijdingsleger (EZLN) is in 1983 opgericht door een kleine groep marxisten en inheemse bewoners van het tropische regenwoud van Chiapas. In de traditie van Latijns-Amerikaanse guerrillagroepen keerden ze zich tegen koloniale uitbuiting en het neoliberale economische model. Ze streefden naar een samenleving waar iedereen toegang tot onderwijs, gezondheidszorg en werk heeft en waarin de rechten van inheemse volken worden gerespecteerd. Op die eerste dag van 1994 trad het Noord-Amerikaanse Vrijhandelsverdrag (NAFTA) tussen de VS, Canada en Mexico in werking, wat de aanleiding was voor de opstand van de Zapatisten. Zij vreesden dat het de kleine inheemse boeren nog verder in de armoede zou storten.

Een van hun leiders was subcomandante Marcos, iemand die graag pijp rokend en te paard poseerde. Hij bewonderde Che Guevara en Foucault en verwierf zich met zijn strijdvaardige en literaire toespelingen en zijn met ironie doorspekte communiqués een zekere faam bij de wereldpers. Hij zei destijds tegen buitenlandse verslaggevers: ‘Het vrijhandelsakkoord is het doodvonnis voor de inheemse bevolking van Mexico.’ De toenmalige president Carlos Salinas was er daarentegen van overtuigd dat het verdrag het land van de derde naar de eerste wereld zou brengen.

Drie decennia later kunnen we stellen dat dat voor de mensen in Chiapas vooralsnog maar zeer gedeeltelijk is gerealiseerd: door NAFTA is de buitenlandse handel van Mexico weliswaar aanzienlijk toegenomen en zijn er in de industrie in het noorden ook banen gecreëerd, maar tegelijkertijd zijn in het zuiden in de landbouw, die binnen de vrijhandelszone niet concurrerend was, aanzienlijk meer banen verloren gegaan. Het loonniveau bleef laag. Wel werd de consumentenmarkt overstroomd met ultrabewerkte levensmiddelen uit de VS. En dat had gevolgen: terwijl in 1992 volgens de WHO bijna 16 procent van de bevolking te dik was, was dit percentage in 2022 tot 36 procent gestegen. De Mexicanen hadden gehoopt op welvaart en kregen een obesitasepidemie.

Ambivalente relatie

Omdat de regering in januari 1994 onmiddellijk duizenden soldaten naar Chiapas stuurde en de luchtmacht inheemse dorpen liet bombarderen, trokken de Zapatisten zich na twaalf dagen met geringe verliezen terug in de bergen. Twee jaar later kwamen ze met de regering een wet overeen waarin het recht op autonomie voor de inheemse bevolking werd vastgelegd. Deze wet is echter nooit aangenomen, onder meer omdat het dan moeilijker zou worden op inheems grondgebied concessies voor de winning van grondstoffen te verlenen.

Desondanks hebben de Zapatisten tot nu toe in zo’n duizend dorpen een structurele basis gelegd voor democratisch zelfbestuur, waar de Mexicaanse staat niet intervenieert. Hun relatie met Coca-Cola is echter al die jaren ambivalent gebleven. Er zijn berichten dat de rode vrachtwagens gedurende de opstand als enige de frontlinies mochten passeren. Ook tijdens hun ‘encuentras’ werd het toonbeeld van Amerikaans cultureel imperialisme geschonken, wat de aanwezige buitenlandse linkse revolutionairen hoofdschuddend bezagen.

Eveneens in 1994 werd in de westelijke uitlopers van San Cristóbal een vulinstallatie voor Coca-Cola in gebruik genomen. Dat was een belangrijk onderdeel van de expansie van het Amerikaanse concern in Mexico. Reeds het jaar daarvoor had het voor 195 miljoen dollar 30 procent van de softdrinkdivisie van de Mexicaanse drankproducent FEMSA gekocht en het aandeel van de dochteronderneming naar de beurs gebracht. Dit was de opmaat voor miljardeninvesteringen in de reclame, distributie en bedrijfsovernames waarmee het concern Latijns-Amerika wilde veroveren. Het okerkleurige fabriekscomplex waarachter de uitgedoofde en met dicht groen overdekte vulkaan Huitepec tegen de hemel boven Chiapas afsteekt, is met een imposant stalen hekwerk beveiligd. In een persbericht uit 2023 noemde Coca-Cola de bottelarij van FEMSA de meest efficiënte ter wereld. Waar vroeger meer dan twee liter water nodig was om 1 liter Coca-Cola te produceren, zou dat in San Cristóbal slechts 1,17 liter zijn. Maar deze cijfers, afkomstig van het bedrijf zelf, laten buiten beschouwing dat frisdrank niet onder laboratoriumomstandigheden wordt geproduceerd.

De bottelarij pompt dagelijks 1.3 miljoen water op

Als we naar de voetafdruk van water kijken – dat wil zeggen het verbruik en de vervuiling van zoet water in de gehele productieketen – kost de productie van een halve liter Coca-Cola 170 tot 310 liter water. Terwijl het concern zich erop laat voorstaan dat het in San Cristóbal de laatste tijd slechts 82 procent van het water verbruikt dat het mag oppompen, komt in de huizen in de stad het grootste deel van de dag geen water uit de kraan. En als dat wel gebeurt, kun je het beter niet drinken.

Dit is misschien wel de grootste tegenstrijdigheid in het verhaal. Wie daar met de directie over wil spreken, wordt bij de ingang vriendelijk teruggestuurd door een medewerkster in een roze veiligheidsvest: tot hier en niet verder. Het Coca-Cola-imperium is gebaseerd op franchise: een bottelaar koopt een licentie, produceert volgens de voorschriften uit de VS de drank en distribueert die op een regionaal beschermde markt. Sinds 1896 is Coca- Cola in Mexico verkrijgbaar, de eerste bottelarij werd in 1926 geopend in de havenstad Tampico. Tijdens de Olympische Spelen van 1968 in Mexico-Stad, met Coca-Cola als hoofdsponsor, was het land al uitgegroeid tot de op twee na grootste markt, na de VS en Duitsland. Twee jaar later dreigde de net gekozen president Luis Echeverría van de Socialistische Eenheidspartij PRI het Amerikaanse concern te boycotten als het zijn geheime recept, dat tegenwoordig in een kluis in het World of Coca-Cola Museum in Atlanta ligt, niet zou vrijgeven voor de Mexicaanse bottelaars. Een delegatie van Coca-Cola slaagde er echter in Echeverría van zijn voornemen af te brengen.

Dat was vooral te danken aan Vicente Fox, die in 1964 als verkoper bij Coca-Cola was begonnen, en die hij aanvankelijk ook zelf distribueerde, was voor hem een stimulerend middel in de strijd tegen de destijds nog machtiger rivaal Pepsi.

Binnen negen jaar klom hij op tot CEO van Coca-Cola Mexico en introduceerde hij de agressieve verkoopmethodes waarmee het Pepsi binnen de kortste keren had ingehaald. Toen hij zijn functie in 1979 neerlegde en terugging naar de hacienda van zijn familie, had hij de omzet met bijna 50 procent vergroot. Twee decennia later zou Fox terugkeren op het grote toneel, opnieuw ten faveure van het drankconcern. Bij de presidentsverkiezingen van 2000 stelde hij zich kandidaat voor de conservatieve Nationale Actie Partij PAN, waarbij hij niet alleen profiteerde van het feit dat de Mexicanen de 71 jaar durende alleenheerschappij van de PRI en de zwakke economie van het land beu waren, maar ook dankzij een donatie in de campagnekas van, inderdaad, Coca-Cola.

Water

In zijn zesjarige ambtstermijn – herverkiezing is volgens de grondwet verboden – installeerde Fox een goed geoliede draaideur tussen zijn regering, de ministeriële bureaucratie en zijn vroegere werkgever, waardoor meer dan tien personen werden gesluisd die in de loop der jaren de politieke besluitvorming ten gunste van Coca-Cola beïnvloedden. Cristóbal Jaime Jáquez, onder Fox algemeen directeur van Coca-Cola Mexico, werd benoemd tot directeur van de Nationale Watercommissie Conagua. Onder hem verdrievoudigde het aantal waterconcessies voor dochterondernemingen van Coca-Cola. De bottelarij in San Cristóbal kreeg toestemming dagelijks 1,3 miljoen liter water op te pompen zonder dat er noemenswaardige heffingen of belastingen naar de stad of de deelstaat vloeiden.

Water is in Mexico een gevoelig onderwerp. In de grondwet van 1917 werden alle natuurlijke hulpbronnen tot staatseigendom verklaard en in 2012 werd daar het recht op toegang tot voldoende, schoon en makkelijk toegankelijk water aan toegevoegd. Wat echter tot vandaag de dag ontbreekt, zijn concrete bepalingen hoe dat in praktijk moet worden gebracht. De staat, die tijdens de regeringsperiodes van de PRI voortdurend op de rand van faillissement balanceerde en verlamd was door corruptie, is er in grote delen van het land niet in geslaagd een betrouwbare watervoorziening te realiseren. In de periode van economische openstelling van Mexico mislukten ook publiek-private partnerschappen op dit gebied.

Multinationale concerns sprongen in het gat, kregen concessies, haalden water uit de bodem en stopten het in flessen. Na een ernstige choleraepidemie in 1991, die in heel Zuid- en Midden-Amerika twaalfduizend mensen het leven kostte, profiteerden zij bovendien van de zorgen van Mexicanen over hun gezondheid. Zo ontstond in een paar jaar tijd de grootste markt voor flessenwater ter wereld. In 2024 verbruikten de Mexicanen 262 liter gebotteld water per hoofd, in Duitsland en Zwitserland is dat nog niet de helft. Naar schatting controleren Coca-Cola, Pepsi en Danone met hun mineraalwater samen ongeveer 80 procent van de markt.

Britse suikertaks blijkt effectief

Sinds 2018 zorgt de Britse suikertaks ervoor dat fris- dranken minder suiker bevatten en consumenten hun inname fors hebben teruggeschroefd.
De Britse sugar tax (formeel de Soft Drinks Industry Levy, SDIL) is in maart 2016 aangekondigd en in april 2018 ingevoerd als onderdeel van de strijd tegen obesitas. De heffing geldt op frisdranken met toegevoegde suikers: dranken met 5-8 g per 100 ml worden belast met 18 p (pence) per liter (ca. 21 eurocent), dranken met 8 g of meer met 24 p per liter. De opbrengsten zouden aanvankelijk naar sportprogramma’s op basisscholen gaan.
Al vóór de invoering pasten vele fabrikanten hun recepten aan om de belasting te vermijden; meer dan de helft van de frisdranken werd hervormuleerd, aldus The Guardian. Toen de heffing eenmaal van kracht was, daalde het suikergehalte in frisdranken aanzienlijk –met bijna 29 procent tussen 2015 en 2018. Consumenten reageerden ook: kinderen verkleinden hun inname van suikerhoudende dranken met ongeveer de helft en bij volwassenen was dat een derde.
Een studie gepubliceerd in het Journal of Epidemiology and Community Health meldt dat het dagelijk suikerverbruik daalde met circa 4,8 g bij kinderen en 10,9 g bij volwassenen binnen een jaar na de invoering van de belasting. De daling werd vooral bewerkstelligd door de hervorming van producten terwijl consumenten overschakelden op minder suikerhoudende dranken; er was geen aanwijzing dat suiker elders werd gecompenseerd.

Eigenlijk is er in de deelstaat Chiapas genoeg natuurlijk water. Anders dan in grote delen van het land, waar momenteel als gevolg van El Niño voor de tweede keer in vijftien jaar extreme droogte heerst, is in de zuidelijkste deelstaat van Mexico tijdens de regentijd constant veel water gevallen. Het hoogland van Chiapas beschikt over een van ’s werelds grootste grondwaterreserves, maar de mensen hebben daar niets aan. Zij hebben alleen toegang tot oppervlaktewater – en dat is vervuild. San Cristóbal wordt doorkruist door sloten met groene alg, rottende drek en plastic afval. Zij zorgen ervoor dat huishoudelijk afvalwater ongezuiverd in de Amarillo en de Fogótico terechtkomt, rivieren die belangrijk zijn voor de watertoevoer van de stad, maar waar regelmatig coli- en andere bacteriën uit menselijke en dierlijke uitwerpselen in worden aangetroffen. Naast zware metalen uit het lekwater van de nabijgelegen vuilstortplaats.

Plannen voor de bouw van rioolwaterzuiveringsinstallaties in de stad liggen er al jaren, maar ze zijn gestrand, mede door verzet van de bevolking, die nu niets betaalt voor afvalwaterzuivering en bang is voor extra kosten. San Cristóbal is de afgelopen vijftig jaar extreem gegroeid. Omdat daardoor ook de wetlands vlak buiten de stad, die water opsloegen en filterden, de een na de ander verdwenen, is de waterhuishouding volkomen ontwricht. Als je leidingwater drinkt of gebruikt om te koken, kan dat diarree, darmontsteking of nierfalen veroorzaken, wat ook toeristen op pijnlijke wijze moeten ondervinden. Bij een enquête in 2023 onder huishoudens was maar 7 procent van de bevolking van Chiapas van mening dat hun water drinkbaar is.

Weer heel anders is het in het droge sei- zoen, wanneer vanwege de verouderde en lekkende leidingen overdag geen druppel water uit de kraan komt. Inwoners vertellen dat ze ’s nachts, wanneer er een paar uur wel water uit de leidingen komt, opstaan en water in emmers opvangen om het in elk geval te kunnen gebruiken om de was te doen, schoon te maken en zich te wassen. De meeste huishoudens zijn gedwongen kilometers te lopen naar niet-besmette bronnen of om van hun geringe inkomen water te kopen bij tankwagens.

Coca-Cola FEMSA op zijn beurt betaalt vrijwel niets voor het water dat het oppompt en daarmee, al dan niet onder toevoeging van suikersiroop, zijn flessen vult. De twee bottelconcessies die het concern heeft, kosten elk een belachelijke 2600 peso per jaar, omgerekend 117 euro. Voor het water zelf moet het 10 cent per duizend liter betalen. Niet dat er tegen dit oneerlijke systeem niet is geprotesteerd: in 2017 demonstreerden 1500 mensen bij de fabriek en drie jaar later eiste de burgemeester van San Cristóbal dat de waterconcessie van Coca-Cola FEMSA zou worden ingetrokken. Maar Conagua weigerde: de diepe waterputten zouden geen enkele invloed hebben op de watervoorziening van de bevolking uit oppervlaktewater.

Toekomstige generaties

Valentina is nog altijd verontwaardigd als ze aan de motivering van de federale autoriteiten denkt. Zelfs als nu het grondwater niet wordt gebruikt, is het belangrijk als plan B wanneer de klimaatcrisis Chiapas treft. ‘De mensen die nu deze beslissingen nemen, zijn dan dood. Maar jonge mensen zoals wij en toekomstige generaties zullen eronder lijden,’ zegt de jonge vrouw met haar lange bruine haar en een kleine tatoeage op haar onderarm. Door klimaatverandering worden voor de regio tegen 2050 vaker extreme weersomstandigheden verwacht. Met de regens is er al veel veranderd, ze komen onverwachter en zijn heviger geworden, waardoor er vaker overstromingen zijn. Valentina kent de gevolgen van klimaatverandering en heeft deelgenomen aan een VN-conferentie over biodiversiteit. Uit angst voor represailles wil ze niet dat haar echte naam in de krant wordt gebruikt.

Op een ochtend bespreekt ze met een kleine groep activisten in een achterzaaltje van een café in San Cristóbal hoe de macht van Coca-Cola FEMSA kan worden gebroken. Ze zijn het eens dat de gemeenteraad het goed heeft gedaan door het aanbod van het concern een waterzuiveringsinstallatie te bouwen tweemaal af te wijzen, ook omdat onduidelijk bleef wie verantwoordelijk zou zijn voor de exploitatie en het onderhoud. ‘Door zo’n cadeau aan te nemen, zouden we oneerlijke spelregels hebben geaccepteerd,’ zegt Valentina. ‘Het zou dan lijken alsof ons protest schandalig was.’ Ze kennen de practies van Coca-Cola FEMSA: om zich te wapenen tegen kritiek betaalt het nu eens voor een gemeentelijke watertank, dan weer voor een opvangsysteem voor regenwater. Voor Valentina is één verhaal symptomatisch: een paar jaar geleden liet Coca-Cola FEMSA met veel publiciteit duizenden bomen planten, die vervolgens geen water kregen en dus verdroogden. De activisten protesteren inmiddels niet alleen meer tegen de vercommercialisering van het grondwater, ze proberen mensen ook voor te rekenen welke kosten hun Coca-Cola-verslaving op lange termijn met zich meebrengt.

247 Coca Cola motorfiets1
Een motorrijder verlangt tijdens zijn lunchpauze dorstig naar een glas Coca-Cola. In Mexico heeft 70 procent van de volwassenen en een derde van de kinderen en jongeren overgewicht. Meer dan een op de tien volwassen Mexicanen lijdt aan diabetes. Om deze trend een halt toe te roepen is sinds oktober 2020 het labelen van ongezonde voeding verplicht. – © Getty Images

Al tijdens het presidentschap van Vicente Fox waren er steeds meer signalen dat er met de gezondheid van de Mexicanen iets mis was. Niet alleen het percentage mensen met obesitas nam toe, ook het aantal diabetici en hun mortaliteit schoot omhoog. Wetenschappers ontdekten dat de Maya-bevolking een verhoogde genetische aanleg had voor diabetes type 2. In Chiapas kwam daar de bijzonder ongunstige combinatie van armoede, ondervoeding en obesitas nog bij. Met de gebrekkige medische zorg – 30 tot 40 procent van de diabetici weten niets van hun ziekte en bij twee derde is de bloedsuikerspiegel niet goed ingeregeld – zorgde dat voor ‘de perfecte bom’, zoals Alejandro Calvillo, directeur van de Mexicaanse consumentenbond, het ooit noemde. In nog geen twee decennia steeg het aantal sterfgevallen ten gevolge van diabetes in Chiapas met 219 procent.

Antropologe Cecilia Acero wilde weten waarom de mensen, inclusief haar vader, er zo slecht in slagen hun eetgewoonten te veranderen. ‘Met name ouderen willen niet aan een dieet,’ zegt ze. ‘Ze willen niet worden gezien als zieken, of als mensen die zich geen pleziertje gunnen.’ Vooral mannen vinden het moeilijk hulp te accepteren. Hoe gevaarlijk suikerziekte kan zijn, bleek in het eerste coronajaar toen in de deelstaat vergeleken met het jaar ervoor het officiële aantal sterfgevallen ten gevolge van diabetes aanzienlijk steeg. Want diabetici waren door hun verzwakte immuunsysteem niet alleen vatbaarder voor het coronavirus, maar ook belast met negatieve emoties. ‘Die mensen waren bang, konden niet naar de dokter en zaten eenzaam thuis. Daardoor ging bij velen van hen de bloedsuikerspiegel sterk omhoog,’ zegt Acero. Stress en angst kunnen inderdaad het verloop van de ziekte beïnvloeden of zelfs veroorzaken. Veel Mexicanen lijden echter onder de misvatting dat hun levensstijl er geen invloed op heeft.

Club de Diabéticos

Dat dacht de zeventigjarige Amelia García ook, totdat ze lid werd van de Club de Diabéticos, die bijeenkomt op de binnenplaats van het gemeentelijke gezondheidscentrum van San Cristóbal. Ze draagt elegante zwarte kleren met gouden oorbellen, haar nagels blauw gelakt. Samen met een twintigtal andere senioren doet García kniebuigingen en draait ze met haar heupen, waarna ze dansen op Y.M.C.A. Als de vrouwen elkaar met applaus belonen, laat ze haar rauwe maar hartelijke lach horen. De eigenaardige dorst begon bij haar nadat haar zus was overleden aan een hersentumor. Toen de dokter haar bloedsuiker mat, bedroeg die 360 milligram per deciliter, terwijl 100 normaal is. Amelia García dacht dat de diabetes door haar verdriet was veroorzaakt en deed dus niets aan haar eetgewoontes. Ze was gewend veel vlees te eten en elke dag minstens één fles Coca-Cola te drinken. ‘Het gemene was dat water mijn dorst niet kon lessen,’ zegt ze, ‘maar frisdrank wel.’

Het is goed mogelijk dat ze toen al een tijd diabetes had. Meestal begint het onschuldig, met vermoeidheid of kleine infecties. Het belangrijkste symptoom – een te hoge bloedsuikerspiegel, veroorzaakt door een tekort aan het hormoon insuline – blijft vaak onopgemerkt. Als daar grote dorst en vaak moeten plassen bijkomen, is de ziekte al gevorderd. Steeds meer organen worden aangetast: ogen, zenuwstelsel of het weefsel van de voeten. Je kunt blind worden, er kan een been geamputeerd moeten worden of je kunt, zoals de vader van Acero, je nierfunctie verliezen. Een hoge bloedsuikerspiegel leidt bovendien vaak tot vetafzetting in de bloedvaten, wat een hartinfarct of beroerte kan veroorzaken.

Toen Amelia García zich realiseerde dat ze moest stoppen met vet eten en cola drinken, moest ze huilen. Daarop nam ze haar lot in eigen hand en sloot zich, inmiddels een kwart eeuw geleden, aan bij de diabetesgroep. Hun bijeenkomsten beginnen met een voordracht.

Dokter José Maria Gómez tekent lichaamscellen op het bord om de stofwisseling uit te leggen en vraagt aan de groep: ‘Waarmee zijn de cellen met elkaar verbonden?’ ‘Kauwgom,’ zegt een vrouw lachend. ‘Fout’, zegt de arts: ‘Siliconen natuurlijk.’ Iedereen lacht. Dan vraagt hij: ‘Welke levensmiddelen zijn met het oog op diabetes slecht voor ons?’ De vrouwen antwoorden bijna in koor: ‘La Coca.’

Economische gevolgen van obesitas

Obesitas is allang geen individueel gezondheidsprobleem meer, maar een economische bedreiging van mondiale proporties, schrijft El País.
Volgens de World Obesity Atlas 2023 zullen de wereldwijde kosten van overgewicht in 2035 oplopen tot 4,32 biljoen dollar per jaar – bijna 3 procent van het mondiale bbp. Daarmee is obesitas economisch even ontwrichtend als de coronapandemie in 2020. In 2019 lag de rekening nog op 2,19 procent van het mondiale bbp, maar zonder krachtig ingrijpen stijgt dat percentage naar 3,29 procent in 2060. De schade zit niet alleen in medische behandelingen, maar ook in productiviteitsverlies: ziekte, arbeidsongeschiktheid, verzuim, vroegtijdige pensionering en zelfs voortijdige sterfte dragen allemaal bij.
Tegenover dit groeiende probleem zoeken overheden naar effectieve beleidsinstrumenten. Suikertaksen gelden als veelbelovende maatregel. Het VK voerde in 2018 een succesvolle belasting op frisdranken in (zie kader p. 16). In Latijns-Amerika, waar de obesitascrisis flink toeneemt, heeft Colombia in 2023 de meest ambitieuze gezondheidsbelasting van het continent ingevoerd: een heffing van 10 procent op ultrabewerkte producten, oplopend tot 20 procent in 2025.
De redenering is dubbel: hogere prijzen ontmoedigen consumptie van ongezonde voeding, terwijl de belastingopbrengsten direct ingezet kunnen worden voor preventie en gezondheidszorg.

Amelia Garcia’s bloedsuikerspiegel is inmiddels stabiel 100. Ze eet veel groenten, weinig vlees en drinkt alleen nog ongezoete drank. Ook haar zeven kinderen heeft ze het belang van gezonde voeding bijgebracht – tot nu toe heeft geen van hen diabetes. Zelfs haar man, die vroeger elke dag acht tot tien flessen cola dronk, is daarmee gestopt. Toch blijven ze in hun winkel in Cruztón, iets buiten San Cristóbal, cola verkopen. García heeft daar geen slecht geweten van, iedereen moet zelf uitmaken wat hij of zij eet. Soms verkopen ze wel honderd flessen tegelijk, als het dorpshoofd een bijeenkomst organiseert. En het komt voor dat Coca-Cola FEMSA gratis drank laat uitdelen: als compensatie dat elke ochtend vanaf drie uur vrachtwagens door het dorp denderen om Coca-Cola naar de bergdorpen te brengen. ‘De inheemse bevolking drinkt het namelijk nog veel meer,’ zegt García.

Tijdens een rit door de bergen ten noorden van San Cristóbal rijden we door nevelwoud en passeren graslanden en maïsvelden. Langs de kant van de weg sjouwen inheemse vrouwen jerrycans op hun hoofd naar hun dorpen, waar geen waterleiding is maar wel winkels met koelkasten vol Coca-Cola. Op reclameborden staat in de taal van de inheemse bevolking: Drink je Coca-Cola-water. En: Breng de lege fles terug. Ook zie je hier kleine kinderen al aan flessen lurken.

Agressieve marketing

Marcos Arana beziet dit al een tijdlang met zorg. Hij is arts en directeur van een opleidingscentrum om de gezondheidsvoorlichting aan de inheemse kleine boeren te verbeteren. Tijdens de jaarlijkse algemene vergadering van het moederbedrijf van Coca-Cola in april 2023 heeft hij het woord gevoerd namens een kritische vereniging van aandeelhouders. In zijn verklaring wenste hij de huidige CEO van de Coca-Cola Company, de Amerikaan James Quincey, een goede morgen, waarna hij een onderzoek naar borstvoeding aanhaalde waaruit blijkt dat een derde van de inheemse kinderen al Coca-Cola te drinken krijgt voordat ze één jaar oud zijn. In de hooglanden van Chiapas, waar in veel dorpen meer dan 40 procent van de volwassenen analfabeet is, dringt de agressieve marketing van het concern door tot in de privésfeer. Ze kunnen kleine leningen of commissies krijgen als ze via hun familienetwerk Coca-Cola verkopen. Ariana is ervan overtuigd dat de strategie lijkt op de praktijken van de georganiseerde drugshandel.

Coca-Cola’s verovering van de bergdorpen begon in 1962, toen Salvador López Tuxum, een inheems dorpshoofd, de eerste vergunning verwierf om het in San Juan Chamula te verkopen Hij kwam te paard naar San Cristóbal om de flessen op te halen. In hetzelfde decennium doken de eerste reclameborden op met afbeeldingen van Coca-Cola drinkende inheemse mensen in traditionele kledij. Twee artsen uit de hooglanden vertellen ons dat ze zich nog kunnen herinneren dat in de dorpen gratis cola werd uitgedeeld. Tot een jaar of tien geleden was in de dorpswinkels een fles cola goedkoper dan een fles mineraalwater.

Tot een jaar of tien geleden was in de dorpswinkels een fles cola goedkoper dan een fles mineraalwater.

In de hooggelegen gemeente Chamula, waar we langskomen, heeft Coca-Cola bewust of onbewust een marketingstunt gepleegd. Daar werd de drankonderdeel van de religieuze rituelen van de plaatselijke bevolking, die zich Chamula’s noemt en tot de Maya-gemeenschap van de Tzotzil wordt gerekend. Het gebied werd in de zestiende eeuw door de Spanjaarden veroverd en met geweld gekerstend. In San Juan Chamula hebben de conquistadores een kerk gebouwd en Johannes de Doper tot beschermheilige uitgeroepen. Op iconen wordt hij vaak afgebeeld met een lam om zijn rol als voorloper van Christus te benadrukken. In het stadje lopen schapen vrij rond, ze worden niet gemolken of geslacht, omdat ze als heilige dieren worden gezien. Alleen hun wol wordt gebruikt om kleding te weven en hun mest voor de maïs- en groententeelt. Als een schaap doodgaat, wordt het begraven.

Ook het autonoom bestuurde San Juan Chamula is een bijzondere plaats. Terwijl veel inheemse gemeentes in de deelstaat Chiapas zich zo goed mogelijk tegen de invloed van de georganiseerde misdaad verzetten, is hier de laatste paar jaar het eerste indigene kartel van Mexico ontstaan. De Motonetos controleren de handel in mensen, wapens, drugs en porno in het gebied. Usb-sticks met films waarop ook minderjarige inheemse vrouwen seksueel worden misbruikt, zijn in de straten van San Cristóbal te koop voor omgerekend zes euro. Tegelijkertijd verzetten ze zich uit alle macht tegen invloed van buiten. Veel Chamula’s weigeren naar het ziekenhuis te gaan. Baby’s worden met oude Mayakennis vaak thuis geboren. Als ze ziek zijn, vertrouwen inheemse bewoners op geneeskrachtige kruiden of de werking van rituelen.

Voedsel voor de goden

De Iglesia de San Juan Bautista ziet er van buiten net zo uit als talloze andere katholieke kerken in Mexico. Binnen is fotograferen verboden, waardoor menig toerist al een dag in de cel heeft doorgebracht. De Maya’s geloven dat camera’s de macht hebben hun ziel te stelen. Inmiddels lijkt het verbod onderdeel van een toeristisch concept, en tegelijkertijd moet het een zeer intieme ruimte beschermen. Binnen verlicht een zee van minstens tienduizend kaarsen het schip van de kerk. Ze staan op tafels langs de zijmuren voor de heiligenbeelden en op de met dennentakken belegde grond. Hun geur vermengt zich met de zoetige wierookwolken. De kaarsen verbruiken aan één stuk door de zuurstof uit de warme, zware lucht. Aan het plafond hangen lappen stof, kroonluchters en bossen bloemen. Vooraan bij het koor staat een beeld van Johannes de Doper.

Overal op de grond zitten groepen inheemse mensen bij sjamanen die in het Tzotzil bezweringsformules mompelen. Uit meegebrachte tassen steken de koppen van kippen, die gehypnotiseerd lijken door de kaarsen, de dampen en de rook. Dan grijpt een van de genezers een kip, maakt er rondgaande bewegingen mee boven de brandende kaarsen en strijkt ermee over de persoon die van een spirituele ziekte moet worden genezen of wiens ziel van demonen moet worden bevrijd. Daarna laat hij de kip op de grond zakken, zet zijn voet op haar kop en breekt haar nek. Het dier wordt vastgehouden tot het niet meer fladdert. Deze offerhandeling wordt zo verheven en lucide uitgevoerd, dat het haast iets vredigs heeft. Binnen deze moeilijk te bevatten liturgie van rituelen ontdekken we Coca-Cola-flessen. De drank wordt op de grond rond de brandende kaarsen uitgegoten, maar ook in bekers aan alle deelnemers aan het ritueel geschonken. Wat heeft die hier te zoeken?

Met de zegen van sjamanen werd alcohol in rituelen verruild voor frisdrank

Agustín de la Cruz is de kerkopzichter en probeert het ons uit te leggen. Hij draagt een poncho van schapenvacht en heeft een slecht gebit, zoals veel mensen in Chamula. De la Cruz houdt van Coca-Cola, vroeger dronk hij tien flessen per dag. Maar hij kreeg maagpijn en moest vaak overgeven. Anders dan zijn vrouw heeft hij nooit diabetes gekregen.

‘Coca-Cola is voor ons niet heilig,’ zegt hij. ‘Ook dat verhaal over het boeren is onzin.’

Water als handelswaar

Van de heuvels rond Lima tot de drukke straten van Karachi is het beeld vergelijkbaar: waar de overheid tekortschiet en infrastructuur hapert, grijpen handelaren hun kans.
In de sloppenwijken van Lima kost een emmer water vaak meer dan in de villa’s van de stad. Bewoners zonder aansluiting op het waterleidingnet zijn aangewezen op particuliere tankwagens die op onregelmatige tijden verschijnen en woekerprijzen rekenen, schrijft Le Monde in een indringende reportage. Terwijl de middenklasse onbeperkt de kraan kan opendraaien, betalen de armsten tot tien keer zoveel
voor een basisbehoefte. Het contrast pijnlijk; ‘In een stad waar het recht op water formeel bestaat, druppelt de ongelijkheid dagelijks uit de kraan.’ Ook in Karachi wordt water tot handelswaar gemaakt, schrijft The Guardian. Daar beheerst een ‘watertankermaffia’ de distributie: corrupte netwerken die leidingwater aftappen en tegen hoge prijzen verkopen aan huishoudens zonder officiële aansluiting. Inwoners zijn afhankelijk van een illegaal systeem waarin schaarste een verdienmodel is geworden. ‘Wat in essentie een publieke voorziening moet zijn, verandert zo in een private markt waar burgers gegijzeld worden’, aldus de Britse krant.
In Lima hebben bewoners zich verenigd in wijkcomités om samen water in te kopen en druk uit te oefenen op de overheid, terwijl internationale banken helpen bij de aanleg van nieuwe leidingen, wat veel tijd kost. In Karachi proberen activisten en media de watertankermaffia te ontmaskeren en belooft de lokale politiek hervormingen, maar corruptie en traag bestuur blijven het systeem verlammen.

Op internet staan talloze berichten over deze kerk. Reisjournalisten en bloggers schrijven herhaaldelijk dat de inheemse bevolking cola drinkt om door te boeren boze geesten uit hun lichaam te verdrijven. ‘Soms spellen buitenlandse gidsen je dat op de mouw om hun verhalen interessanter te maken. En toeristen geloven alles,’ zegt De la Cruz.

Eeuwenlang hebben in Chiapas spanningen geheerst tussen de katholieke veroveraars en de inheemse bevolking, wier religieuze praktijken zijn gebaseerd op spirituele ideeën over het geloof en op magie. Steeds weer moesten er compromissen worden gesloten die uiteindelijk leidden tot dit unieke syncretisme. Vroeger werd bij de rituelen pox gedronken, een sterke drank gemaakt uit suikerriet, tarwe en maïs. In de eerste helft van de twintigste eeuw kwamen evangelische groeperingen uit de VS en Engeland naar het hoogland om de Maya-gemeenschappen te bekeren en er sociaal werk op te zetten. Ze maakten de inheemse bevolking duidelijk dat alcohol ongezond en satanisch is en dronkenschap in de kerk ongepast. Zo vond met de zegen van de sjamanen aanvankelijk plaatselijke limonade haar weg in de rituelen. Niet koolzuur was doorslaggevend, maar de zoetige geur van de drank die als voedsel voor de goden diende, zegt De la Cruz. En zo maakte de interventie van een paar missionarissen voor Coca-Cola de weg vrij naar de inheemse geloofspraktijk.

In de jaren zeventig braken er conflicten uit tussen religieuze groeperingen en werden duizenden protestantse inheemse bewoners met geweld verdreven uit plaatsen als San Juan Chamula, ook omdat de katholieke leiders niet wilden afzien van hun inkomsten uit de verkoop van alcohol en Coca-Cola. En zo valt er nu in de supermarkten van Chamula een soort tweede syncretisme te bewonderen. Kleuren en logo hebben de winkels schaamteloos gejat van de Oxxofilialen van Coca-Cola-bottelaar FEMSA, net als hun naam: Osso. Binnen is er Coca-Cola. En zelfgestookte suikerrietbrandewijn.

247 Coca Cola distributeur
San Juan Chamula is een traditioneel dorp met een grote inheemse populatie. Coca-Cola is er integraal onderdeel van de lokale cultuur. – © Getty Images

‘Pas toen Coca-Cola onderdeel was geworden van de rituelen kreeg de drank zijn maatschappelijke status. Sindsdien wordt het bij elke gelegenheid gedronken, ook bij religieuze en politieke evenementen als bruiloften,’ zegt Jaime Page. Wanneer we via Zoom met de arts, antropoloog en promotor van Cecilia Acero spreken, is hij net uit een van de bergdorpen terug in San Cristóbal. Page is niet alleen expert op het gebied van de inheemse cultuur, hij heeft hen ook herhaaldelijk ondervraagd over hun drinkgedrag. In een van zijn onderzoeken werd voor het eerst het cijfer van 2,25 liter frisdrank per persoon per dag in de hooglanden van Chiapas genoemd. Hier wordt het even spannend: Page zegt het cijfer van de website van Coca-Cola FEMSA te hebben, waar het later weer van is verwijderd.

De drankenproducent bestrijdt dat. Na wat heen en weer gepraat kunnen we een afspraak maken met twee pr-dames in een restaurant in Mexico-Stad. Uit dit gesprek – waarbij we kip met mole poblano (een chocolade-chilisaus) eten en cola drinken – mogen we niet citeren, maar achteraf sturen ze ons een ver- klaring waarin ze zich baseren op een overheidsstatistiek waaruit zou blijken dat per huishouden 420 peso aan drank, waaronder alcohol, wordt uitgegeven. Volgens dezelfde statistiek bedraagt de consumptie van frisdrank per hoofd van de bevolking 1,8 liter. Niet per dag, maar per maand. Dit ten hemel schreiende verschil strookt niet met onze indrukken ter plaatse en ook niet met een persbericht van Coca-Cola FEMSA van november 2023. Daarin verkondigde het bedrijf dat het zijn omzet in Latijns-Amerika, waarvan het de helft in Mexico realiseert, sinds de beursgang in 1993 vervijftienvoudigd had. De koers van het aandeel is de afgelopen vijf jaar meer dan verdubbeld.

Verbod op scholen

Het getal dat Jaime Page noemt, is daarentegen ook op websites van de overheid gepubliceerd, wat in elk geval een teken is dat de invloed van frisdrank op de gezondheidscrisis in het land op de politieke agenda is gekomen. Toen het aantal diabetesdoden in 2016 voor het eerst de grens van 100.000 overschreed, riep de regering de nationale noodtoestand uit. Twee jaar eerder had zij al een belasting op suikerhoudende dranken ingevoerd van 5 cent per liter; in vergelijking met Chili of Engeland relatief laag, omdat de Coca-Cola Company voor Mexico onderzoek had medegefinancierd waarin de effectiviteit van een belasting en de invloed van frisdrank op obesitas in twijfel werd getrokken. In tegenstelling tot wat wetenschappers dringend adviseerden, worden de belastinginkomsten niet voor preventieve zorg gebruikt.

Het was dan ook een verrassing toen de huidige president Claudia Sheinbaum na haar aantreden politieke veranderingen aankondigde. Ze verklaarde dat de toegang tot water een van de topprioriteiten van haar presidentschap zou worden en kwam met een nationaal waterplan, waarvan ook een herziening van alle concessies voor particuliere bedrijven deel uitmaakt. Coca-Cola FEMSA probeert momenteel een internationaal gerespecteerd certificaat voor verantwoord watergebruik voor de bottelarij in San Cristóbal te krijgen.

‘Que me vas a hacer, Claudia’: Wat maak je me nou, Claudia

In april 2025 is een verbod op de verkoop van frisdrank en snoep op scholen van kracht geworden. Wel 40 procent van de kinderen en jongeren in Mexico wordt inmiddels als obees beschouwd, waarmee ze de diabetespatiënten van morgen zijn. Coca-Cola heeft zijn suikerhoudende dranken al uit basisscholen weggehaald. Wellicht is een verkooppunt daar ook helemaal niet meer nodig. In een TikTok-video die met 1,4 miljoen likes viraal ging, is een twaalfjarige scholier ergens in Mexico te zien die van een literfles Coca-Cola geniet. In de zijvakken van zijn rugzak heeft hij nog twee van die flessen. ‘Que me vas a hacer, Claudia’ is in de video te lezen: Wat maak je me nou, Claudia (de president).

‘De mensen willen gewoon Coca-Cola drinken,’ zegt ook Jaime Page, die denkt dat Sheinbaum daar niet veel aan zal veranderen. In de zinnen die hij in de camera van zijn computer spreekt, klinkt bittere woede door: ‘Soms denk ik dat we te maken hebben met een etnocidale politiek. Het is blijkbaar beter wanneer de inheemse bevolking sterft.’

Zo ver gaat Cecilia Acero niet. ‘Ik ben behoorlijk kwaad op Coca-Cola. Maar niemand houdt je een pistool tegen je hoofd om dat spul te drinken,’ zegt ze. Sinds haar vader diabetes kreeg, drinkt Acero bijna geen Coca-Cola meer. Toen ze het op een warme dag aangeboden kreeg, nam ze een slok en vond het best verfrissend. Eén keer per jaar, op de traditionele Día de Muertos (Allerzielen), versieren de mensen in San Cristóbal, net als overal in Mexico, hun familiealtaren op begraafplaatsen of thuis met kaarsen en bloemen. Ze brengen dan voor de doden dingen mee waar die tijdens hun leven van hielden. Dus koopt Cecilia Acero dan een fles Coca-Cola om op het graf van haar vader te zetten.

INHOUD VAN DRANKEN (per 200 ml)

Kraanwater:
0 kcal
Calcium: 14 mg
Magnesium: 3 mg
Natrium: 2 mg
Kalium: minder dan 1 mg
Chloride: 2 mg

Vruchtensap:
88 kcal
Suiker: 20 g
Vit. B1: 0,02 mg
Vit. B3: 0,28 mg
Vit. B6: 0,05 mg
Vit. C: 20 mg
Bètacaroteen: 0,2 mg
Kalium: 300 mg
Fosfor: 30 mg
Magnesium: 20 mg

Energiedrank:
Suiker: 21,6 g
Cafeïne: 80 mg
Vit. B3: 1,6–8 mg
Vit. B6: 0,25 mg
Vit. B12: 0,5 μg
Natrium: 127 mg
Chloride: 180 mg

Cola:
Suiker: 21 g
Cafeïne: 20 mg
Fosfor: 20 mg

Vitaminewater:
8,25 kcal
Suiker: 6 g
Vit. C: 40 mg
Vit. B12: 0,2 μg

IJsthee:
Suiker: 15 g
Cafeïne: 6 mg
Vit. B3: 0,9 mg
Vit. B6: 0,1 mg
Calcium: 10 mg

Koffie:
4 kcal
Eiwit: 0,2 g
Kalium: 96 mg
Magnesium: 6 mg
Fosfor: 2 mg
Chloride: 2,6 mg
Cafeïne: 90 mg

VAN GEZOND NAAR ONGEZOND

1. Kraanwater: geen calorieën, geen suiker, mineralen.
2. Koffie: positieve effecten, maar let op cafeïne.
3. Thee/ijsthee zonder suiker. (Industriële ijsthee minder goed.)
4. Vruchtensap: veel vitaminen, maar ook veel suiker.
5. Cola en energiedranken: veel suiker, veel risico’s.

You May Also Like

More From Author