Een reusachtige ijzerertsmijn kan Guinee rijk maken of ruïneren

Estimated read time 7 min read
omid roshan Btc4MDN0MtU unsplash compressed

De veelbelovende inkomensbron biedt veel kansen voor het west-Afrikaanse land, maar dit hangt er allemaal van af hoe de junta de onverwachte meevaller gebruikt.

Onder een bergkam in de zuidelijke hooglanden van Guinee, een West-Afrikaans land met 14 miljoen inwoners, ligt een van ’s werelds grootste ijzerertsafzettingen. De winning van de drie miljard ton erts, die tegen de huidige marktprijzen zo’n 315 miljard dollar zou opbrengen, heeft bijna dertig jaar stilgelegen. Pas op 3 december 2025 werd de eerste lading erts naar staalfabrieken in China verscheept.

Simandou, zoals de mijn heet, zou de mondiale ijzerertsmarkt op zijn kop kunnen zetten door de dominantie te verschuiven van Australië naar China, dat een groot aandeel heeft in het project. Dat kan enorme gevolgen hebben voor Guinee, dat de inkomsten wil gebruiken voor grootscheepse vernieuwingen, van wegen tot onderwijs. Maar degenen die er onmiddellijk van profiteren zijn de militaire junta en haar leider, generaal Mamady Doumbouya, die zijn bewind wil legitimeren door middel van presidentsverkiezingen op 28 december 2025.

Simandou

Decennialang leek het erop dat de schatten van Simandou nooit zouden worden gedolven. Rio Tinto, een Brits-Australisch mijnbouwbedrijf, verwierf in 1997 de eerste exploitatierechten. Behalve door omkopingsschandalen en politieke instabiliteit (twee staatsgrepen), werd het project lange tijd belemmerd door de hoge aanvangskosten.

De mijn ligt in een afgelegen deel van de hooglanden. De onverharde wegen ernaartoe zijn vaak onbegaanbaar vanwege stortregens en dichte mist. Om de locatie te ontsluiten waren de aanleg van een 620 kilometer lange spoorlijn en een nieuwe zeehaven nodig. Aangezien de wateren voor de kust van Guinee te ondiep zijn voor grote schepen, moeten bootjes het erts 20 kilometer vanaf de kust vervoeren naar een groter schip dat in dieper water ligt. Om bouwmateriaal op de locatie te krijgen, moeten vrachtwagens zo’n twintig dagen over slechte wegen rijden vanuit de hoofdstad Conakry, 900 kilometer verderop, waarbij het gevaar van overvallen voortdurend op de loer lag. Dit alles dreef de kosten op tot meer dan 20 miljard dollar, waardoor Simandou het duurste mijnbouwproject ter wereld werd. 

Deze kosten worden nu verdeeld tussen Rio Tinto, dat voor een kwart eigenaar is van het project, het Chinese Chinalco, en een apart Chinees-Singaporees consortium, WCS. De Chinese overheid wordt over het algemeen beschouwd als de drijvende kracht achter het project. Als ’s werelds grootste afnemer van ijzererts wil China de prijzen graag drukken. Sommige analisten verwachten dat de toename van het aanbod door Simandou de ijzerertsprijzen de komende jaren zal terugbrengen van ongeveer 100 naar 70 dollar per ton. Rio Tinto trok uit de Chinese betrokkenheid de conclusie dat het project hoe dan ook zou doorgaan, dus werd het van strategisch belang geacht om aan boord te blijven. ‘Waarde meet je niet altijd alleen af aan je brutowinst,’ zegt Chris Aitchison, algemeen directeur van het Rio-Chinalco consortium.

De Chinese overheid wordt over het algemeen beschouwd als de drijvende kracht achter het project.

De Chinese vicepremier Liu Guozhong woonde in november een inhuldigingsceremonie bij. De Guinese autoriteiten benadrukken echter dat China slechts een van de vele partners in de mijn is. Simandou combineert ‘de voortvarendheid van de Chinese spelers met de normen die we graag zien bij de westerse spelers,’ zegt Djiba Diakité, stafchef van generaal Doumbouya.

De Guinese autoriteiten hopen dat de ervaring met de bouw van Simandou hen zal helpen bij hun volgende grote uitdaging: het beheer van de meevaller. In de aanloop naar de verkiezingen zijn overal in Conakry posters te zien ter aanprijzing van ‘Simandou 2040’, het plan van de regering om haar inkomsten uit het project te herinvesteren, dikwijls naast een afbeelding van generaal Doumbouya in uniform. ‘We hebben de kans om het volume van onze economie en de levensstandaard van onze bevolking wezenlijk te veranderen,’ zegt Bouna Sylla, de minister van Mijnbouw.

Dat is geen grootspraak: tegen 2030 zal Simandou naar verwachting 120 miljoen ton ijzererts verschepen, wat neerkomt op een toename van ongeveer 6 procent van het internationaal verhandelde aanbod. De export van Guinee zou met ongeveer 12 miljard dollar per jaar toenemen, bijna een verdubbeling van de huidige handelsinkomsten. In 2030,  zo schat het IMF, kan het bbp dankzij het project 26 procent hoger liggen dan nu. S&P Global, een ratingbureau, publiceerde in september zijn eerste waardering van Guinese staatsobligaties.

Dutch disease

De nieuw verworven rijkdom brengt ook grote risico’s met zich mee. Ambtenaren vrezen voor een ‘Dutch disease’, een economisch fenomeen waarbij de nationale munt weliswaar wordt versterkt door de ontdekking en export van een grote natuurlijke hulpbron (zoals gas of olie), maar andere sectoren (zoals industrie en landbouw) juist krimpen, wat leidt tot de-industrialisatie en economische kwetsbaarheid op de lange termijn. Net zoals in Nederland gebeurde na de ontdekking van gas in de jaren zestig.

De mijnbouwsector van Guinee is nu al goed voor een vijfde van het bbp en voor meer dan 90 procent van de export. Een sterke toename van de ijzerertsexport kan de munt ten goede komen, maar de export van andere producten schaden. Zonder ingrijpende beleidswijzigingen verwacht het IMF dat de mijn vrijwel geen effect zal hebben op de armoede, die in 2024 rond de 43 procent lag. Ook rijst de vraag wat er moet gebeuren met de vijftigduizend bouwvakkers van Simandou zodra de bouw van de mijn is voltooid.

Veel hangt af van hoe de inkomsten uit Simandou worden besteed. De junta van Guinee is van plan om de komende vijftien jaar 200 miljard dollar te investeren om banen te creëren en de economie te diversifiëren. Ze wil een combinatie van leningen, inkomsten uit ijzererts en geld uit de particuliere sector gebruiken om honderden infrastructurele projecten te financieren, een staatsinvesteringsfonds op te richten en scholen te verbeteren (de helft van de bevolking kan niet lezen of schrijven). Het geld mag niet ‘in allerlei zakken verdwijnen’, zegt Sylla, wijzend op het reële gevaar van corruptie.

De junta van Guinee is van plan om de komende vijftien jaar 200 miljard dollar te investeren om banen te creëren en de economie te diversifiëren.

Diakité stelt dat het investeringsplan ook de toeleveringssector zal stimuleren, zoals de verwerking van erts tot pellets. De overheid dwingt mijnbouwbedrijven om te investeren in verwerkingsfabrieken, anders riskeren ze hun vergunning te verliezen, zoals in augustus gebeurde met een bedrijf uit de Verenigde Arabische Emiraten. Guinese functionarissen beweren dat Rio Tinto ook heeft ingestemd met de bouw van een pelletfabriek. Rio Tinto zegt dat het alleen heeft toegezegd het idee te overwegen. Een conflict zou de investering van Rio Tinto kunnen dwarsbomen.

Door deel te nemen aan de verkiezingen heeft generaal Doumbouya zijn belofte gebroken om de macht over te dragen nadat hij die in 2021 via een staatsgreep in handen had gekregen. De junta heeft oppositiepartijen uitgesloten van de verkiezingen en de pers gekneveld. Op de vraag waarom de generaal geen eerlijke verkiezingen kan accepteren, zegt Diakité dat Guinee ‘economische en sociale ontwikkeling’ boven politieke rechten stelt. 

Ondanks een vreeswekkende militaire aanwezigheid in Conakry is de machtspositie van generaal Doumbouya niet rotsvast. Hij was nog maar een jonge militair toen hij president werd. Verdeeldheid binnen de strijdkrachten blijft een risico voor zijn bewind. Een electoraal mandaat zou potentiële uitdagers in toom kunnen houden. Maar naarmate de productie van Simandou toeneemt, zal er een steeds hogere prijs moeten worden betaald voor het behoud van de macht in Guinee. Een plotselinge stroom van middelen heeft in het verleden vaker conflicten veroorzaakt in Afrika, en Simandou staat mogelijk aan de vooravond van een van de grootste ooit.

You May Also Like

More From Author