
Nu woningprijzen de pan uit rijzen en steeds meer mensen kampen met eenzaamheid, wint co-living aan populariteit. Is dat een bewuste keuze of een woonvorm die projectontwikkelaars ons opleggen? En moeten we ons ertegen verzetten of moeten we het juist omarmen?
Nee: ‘Het is een stap in de richting van ernstige sociale achteruitgang’
Michael Clifford is in The Irish Independent niet erg te spreken over de opkomst van co-living. Sterker nog, volgens hem is ‘de introductie van een woonvorm die privacy, ruimte en zelfs waardigheid devalueert een stap in de richting van ernstige sociale achteruitgang’.
Hij trekt de vergelijking met het klooster in zijn geboortedorp. De nonnen beperkten hun privéruimte tot kleine kamers en brachten het grootste deel van hun tijd door in het bijzijn van hun medegelovigen. ‘Ze kozen er bewust voor om comfort en bepaalde persoonlijke behoeften op te geven. Vandaag zouden we zeggen dat ze aan co-living deden.’ Alleen gebeurt het niet meer uit geloofsovertuiging, zoals bij de nonnen, maar vaak uit economische noodzaak.
Het co-livingconcept wordt volgens hem vooral aangestuurd door projectontwikkelaars omdat het een beter rendement zou opleveren. ‘Projectontwikkelaars spelen een belangrijke rol bij het huisvesten van mensen, en huisvesting speelt dan weer een belangrijke rol bij het vormgeven van een samenleving.’ Dat zou volgens hem niet mogen afhangen van de markt of financieel gewin.
‘Wat begon als een hip alternatief voor twintigers, zal uitgroeien tot een standaard vorm van huisvesting’
Voor menig twintiger klinkt co-living als een prima optie: iedereen onder één dak, gezellig samen eten en regelmatig samen biertjes drinken. Maar Clifford denkt dat het concept zich niet zal beperken tot de twintiger. ‘Zodra het concept in de maatschappij is verankerd, zal het zich razendsnel vermenigvuldigen.’
Clifford vreest dat co-living zal worden gepresenteerd als enige realistische optie voor mensen die recht hebben op sociale huisvesting. Ook zullen sommige senioren die momenteel in zelfstandige woningen wonen volgens hem worden aangespoord om dit ‘trendy co-living-concept’ te omarmen. ‘Wat begon als een hip en tijdelijk alternatief voor twintigers, zal uitgroeien tot een standaard vorm van huisvesting. Voor sommigen zal het zelfs de enige optie zijn.’
Volgens Clifford is co-living geen duurzame oplossing voor de chronische huisvestingscrisis en bestaat er bovendien de kans dat de prijs van ‘normale’ appartementen alleen maar zal blijven stijgen. Kwalijk, vindt Clifford, aangezien ‘het dichten van de kloof tussen arm en rijk de hoogste prioriteit moet krijgen’.
Michael Clifford is een Ierse auteur en onderzoeksjournalist die momenteel werkzaam is als speciaal correspondent bij The Irish Examiner. In 2016 werd hij tijdens de The Irish Journalism Awards uitgeroepen tot Journalist van het jaar.
Ja: ‘Mensen worden steeds eenzamer en wantrouwiger’
‘Ik ben een getrouwde vrouw van eenenveertig die uit vrije keuze aan co-living doet. In plaats van zo snel mogelijk op zoek te gaan naar zo veel mogelijk ruimte en privacy, besloten mijn man en ik het tegenovergestelde te doen’, schrijft Elizabeth Oldfield in The New York Times. Ze wonen in Londen samen met hun twee kinderen, een koppel dat een baby verwacht en een vrouw met haar kat. Ze leggen het grootste deel van hun geld bij elkaar en verdelen de huishoudelijke taken.
Het tekort aan woningen, de snelle opwarming van de aarde en de manier waarop kunstmatige intelligentie de arbeidsmarkt verandert, zouden ons volgens Oldfield moeten aanzetten tot het heroverwegen van het traditionele huisje-boompje-beestjetoekomstbeeld. ‘Als de mensheid zo doorgaat, zullen de allerrijksten ruimte en hulpbronnen blijven opeisen en toe-eigenen. Maar ik geloof dat deze situatie ons juist kan dwingen te leven op een manier die echt goed voor ons is.’ Hoewel meer ruimte je geluksgevoel tijdelijk kan vergroten, raak je er snel aan gewend. Sterke relaties daarentegen zijn van grote invloed op een aanhoudende tevredenheid en een beter welzijn.
‘We zijn vergeten hoe we op een gezonde manier confrontatie kunnen aangaan’
Oldfield begrijpt dat niet iedereen meteen enthousiast wordt van het idee om met huisgenoten te wonen. ‘In het geïndustrialiseerde Westen hebben we steeds meer van onze dagelijkse behoeften uitbesteed aan de markt en vermijden we vaker persoonlijke uitwisselingen, omdat we kiezen voor gemak in plaats van persoonlijke betrokkenheid.’ Denk maar aan zelfscankassa’s, en datingapps. Het gevolg is dat we minder tijd met elkaar doorbrengen, minder vaak om hulp vragen en het moeilijker vinden om verbintenissen aan te gaan. Politiek theoreticus Sarah Stein Lubrano vergelijkt dit proces met atrofie: ‘Het resultaat is een generatie die eenzaam en wantrouwig is.’
Gedurende het grootste deel van de geschiedenis leefden mensen in kleine, vaste gemeenschappen. ‘Nu we steeds meer afstand kunnen creëren, zijn we vergeten hoe we op een gezonde manier confrontatie kunnen aangaan en compromissen kunnen sluiten. We zouden er goed aan doen om die vaardigheden te behouden, niet alleen voor ons collectieve voortbestaan, maar ook voor onze persoonlijke ontwikkeling.’
Elizabeth Oldfield is een Britse schrijver en podcastmaker. Ze werkte als journalist bij de BBC en was tien jaar lang directeur van Theos, een religieuze denktank.