Lokale journalistiek is onmisbaar

Estimated read time 7 min read

In de VS worden wekelijks meer dan twee regionale kranten opgedoekt. Van de ooit vierentwintigduizend dag- en weekbladen zijn er nog maar zesduizend over. Nieuwsorganisaties proberen de teloorgang van ‘de buurtvriend’ op verschillende manieren te herstellen.

Er was een tijd dat ik, als ik ver van huis moest zijn, steevast plaatselijke kranten meepakte. Ik las ze van voor tot achter. Ze boden een momentopname van een kleine maar echte wereld: een schandaal in het schoolbestuur, een winnend schoolteam, de dood van een geliefde leraar.

Veel verslaggevers van mijn (gevorderde) leeftijd zijn begonnen bij kleine dag- of weekbladen, waarvan vrijwel elke plaats of buitenwijk er destijds wel eentje had. Zelf ben ik begonnen bij The News Tribune in Woodbridge, New Jersey, een onafhankelijk dagblad met een oplage van ongeveer 58.000 exemplaren. We schreven over van alles en nog wat: van schoolbestuursvergaderingen tot een jongen die het bij de padvinderij tot Eagle Scout had geschopt. Mijn eerste grote nieuwsitem was een lokale verkiezing, een stoomcursus in politiek en de bron van een van de beste – en wellicht meest profetische – citaten die ik ooit heb opgetekend, van een zittende burgemeester die had verloren en snauwde: ‘Het tweepartijensysteem zaait verdeeldheid.’

Ze waren de bouwstenen van de gemeenschap, de democratie, de politiek

Terugdenken aan die lokale krantjes is niet alleen maar nostalgie van een oude dagbladjournalist. Ze waren de bouwstenen van de gemeenschap, de democratie, de politiek. Hun teloorgang is een belangrijke reden voor de acute polarisatie en politieke verwarring die we vandaag de dag zien. ‘In de afgelopen tien jaar dringt het beeld zich op dat lokaal nieuws zich in een ernstige crisis bevindt’, schrijven Ellen Clegg en Dan Kennedy, beiden doorgewinterde journalisten, in hun nieuwe boek What Works in Community News: Media Start-Ups, News Deserts, and the Future of the Fourth Estate, waarin ze onderzoeken hoe verschillende gemeenschappen het vacuüm proberen op te vullen.

Middagkrant

The News Tribune was een middagkrant, wat typisch was voor Noord-New Jersey, waar de New Yorkse kranten de ochtenden domineerden. Na de werkdag wachtte de lokale krant op de deurmat, met plaatselijke nieuwtjes, supermarktbonnen, rubrieksadvertenties, kerkdienstroosters en sportuitslagen van middelbare scholen.

Het was een fantastische leerschool voor een beginnend verslaggever. De ervaren redacteuren hadden tijd om de stukken na te lezen, en schrijven over lokale schandalen, stakingen of raadsvergaderingen vormde een stoomcursus in correctheid. Je schreef per slot van rekening voor mensen die wisten hoe de vork in de steel zat en die bij de eerste de beste fout aan de telefoon zouden hangen.

Het pepertje dat ik, toen het mijn beurt was, kokhalzend naar binnen werkte, brandde een permanente angst om het fout te doen in mijn brein

De krant had een speciale beproeving voor beginnelingen na het maken van hun eerste fout die een rectificatie behoefde: de persoon in kwestie moest boven op de ronde tafel in het midden van de redactieruimte een hete chilipeper opeten uit een potje dat Elias Holtzman, een van de oudgedienden, speciaal voor deze beproeving had klaarstaan. Het pepertje dat ik, toen het mijn beurt was, kokhalzend naar binnen werkte, brandde een permanente angst om het fout te doen in mijn brein.

Jonge verslaggevers bleven meestal niet lang hangen – niet vanwege de pepers maar omdat een lokale krant de gebruikelijke opstap was voor een journalistieke carrière.

Maar het was een leerschool van onschatbare waarde en een onvergetelijke ervaring, vooral vanwege de journalistieke macht om dingen voor elkaar te boksen. Je vastbijten in lokale politici in Noord-New Jersey leverde altijd iets op: een reeks artikelen die ik samen met een collega schreef over de exorbitante tarieven van gemeentelijke juristen leidde tot publieke verontwaardiging en actie, en leverde smakelijke citaten op. Een lokale ambtenaar die werd beschuldigd van het aannemen van steekpenningen muntte deze uitspraak toen hij voor een vakantiereisje naar de Caraïben vloog: ‘Het goede van Amerika is dat je onschuldig bent totdat je portemonnee leeg is.’

Voor lezers was het ook een leerschool. De kandidaten bij lokale verkiezingen of de sprekers op vergaderingen van schoolbesturen behandelden kwesties die de lezers direct aangingen. Ambtelijke corruptie was geen ver-van-mijn-bedshow; het was misbruik van fondsen die naar de school van je kind of je bibliotheek hadden moeten gaan. Overigens vond ik het bevredigend om te lezen dat de leugens van afgevaardigde George Santos vóór hij werd verkozen, waren onthuld door een kleine krant op Long Island, The North Shore Leader. Alleen jammer dat het nieuws zich niet buiten de kring van 20.000 lezers verspreidde.

Buurtvriend

‘De krant was hier diepgeworteld,’ vertelt Charles Paolino, die hoofdredacteur van The News Tribune was toen ik er werkte. ‘Hij werd al zo lang uitgegeven, sinds de negentiende eeuw, dat mensen het gevoel hadden dat ze de krant konden bellen als ze in de problemen zaten of in een winkel niet fatsoenlijk waren geholpen, of als ze vastliepen in de stroperige bureaucratie. We waren een buurtvriend. Ik maak me zorgen om de vraag wie die rol nu vervult.’

En dat niet alleen. Ellen Clegg, geroutineerd verslaggever en voormalig redacteur van de opiniepagina van The Boston Globe, vertelt lachend hoe ze bij haar buurman in Brookline, Massachusetts, moest aankloppen om te horen of hij bij een lokale verkiezing had gewonnen. Dan Kennedy, professor journalistiek aan de Northeastern University, stelt dat het lokalenieuwsvacuüm mensen ontvankelijk maakt voor het gepolariseerde karakter van het nationale nieuws, zodat ouders op schoolbestuursvergaderingen staan te schreeuwen over vaccinaties of de kritische rassentheorie, maar niet op de hoogte zijn van zaken als wiskundetoetsen of nieuwe faciliteiten.

Begin 1900 telde Amerika zo’n vierentwintigduizend dag- en weekbladen

Als mensen niet weten wie er op de kieslijst staat, is de opkomst belabberd. ‘We zien nu veel meer “straight-ticket voting”,’ [dat kiezers met één vinkje alle partijkandidaten kunnen aankruisen voor verschillende algemene verkiezingen] zegt Penelope Muse Abernathy, auteur van The State of Local News 2023, een onderzoeksrapport van de Medill School of Journalism van Northwestern University,  en mijn oud-collega bij The Times. ‘Een van de mooie dingen als je als krant veel verslaggevers hebt, is dat ze bijeenkomsten kunnen bijwonen. Als er een obligatie-uitgifte was, schreven ze wat het zou gaan kosten. Nu moeten we meer belasting betalen, neemt de corruptie toe en past er niemand meer op de winkel.’

Begin 1900 telde Amerika zo’n vierentwintigduizend dag- en weekbladen. Dat aantal is in de loop van de twintigste eeuw gedaald – de afgelopen twee decennia in sneltempo. Inmiddels zijn er nog maar zesduizend over, waarvan velen het water aan de lippen staat, blijkt uit het onderzoek. Op dit moment worden er wekelijks meer dan twee kranten opgedoekt. Sommige gebieden, veelal getekend door armoede, zijn veranderd in ‘nieuwswoestijnen’, zoals Abernathy ze noemt, verstoken van betrouwbare nieuwsbronnen: geen papieren of online kranten, geen nieuwsuitzendingen op radio of tv.

Hoe het zover heeft kunnen komen is uitvoerig gedocumenteerd. Adverteerders zijn naar het internet uitgeweken, wat voor veel kranten de nekslag betekende; conglomeraten en hedgefondsen kochten zieltogende dagbladen op en zetten het mes in het personeelsbestand. Het leek er zelfs even op dat solide kranten het niet zouden halen.

Maar er zijn tekenen dat het tij keert. Clegg en Kennedy beschrijven in hun boek hoe lokale en regionale nieuwsorganisaties de berichtgeving op verschillende manieren proberen te herstellen. Het gaat voornamelijk om non-profitorganisaties, vaak bijgestaan door een aantal stichtingen die nieuwsstart-ups helpen. Het is nog geen tsunami, maar de bottom-upgroei van lokale nieuwsorganisaties heeft inmiddels wel al gezorgd voor de verspreiding van nieuws dat anders niet naar buiten zou zijn gebracht.

Eigen, unieke stempel

Ik hoop van harte dat er sprake is van een omslag. Toen ik het internet afstruinde naar verhalen over mijn oude krant, stuitte ik op een stuk dat Holtzman, de man van de hete pepers, in 1995 schreef toen The News Tribune ophield te bestaan: ‘Weer een krant ter ziele, en daarmee de vitaliteit die de berichtgeving over een lokale gemeenschap met zich meebrengt, het eigen, unieke journalistieke stempel, het vuur van de concurrentie en alles wat de krant betekende voor de gemeenschap waarvoor ze schreef.’ 

Wat zou het geweldig zijn als de berichten over de dood van de lokale journalistiek overtrokken zouden blijken en Eli kokhalzend en met tranende ogen op zijn bureau zou moeten staan. 

You May Also Like

More From Author